Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Opinie

Kunnen P2P-economie en basisinkomen een postkapitalistische samenleving dragen?

Op donderdag 12 maart organiseert Victoria Deluxe i.s.m. de partners van De Toekomstfabriek een denkdag en publieksdebat rond de thema’s Peer2Peer-economie en het basisinkomen. Beide thema’s worden vaak in één adem als noodzakelijke en cruciale onderdelen van het toekomstproject van links benoemd.
woensdag 11 maart 2015

In de discussies binnen het publieke domein en de sociale media valt op dat in het denken en het spreken over P2P-economie en basisinkomen een aantal historische verworvenheden van de linkse beweging met het badwater dreigen te worden weggegooid of als taboe worden beschouwd. Believers in de P2P-economie en het basisinkomen verwijten immers de vakbonden hun vastgeroeste schema’s en bureaucratische organisatiestructuur en beschouwen een regulerende overheid niet langer als een noodzaak.

Bevrijde burgers zullen het heft in eigen handen nemen en een groot deel van de arbeidsorganisatie zal in de toekomst vanuit een zelfsturende logica worden georganiseerd', luidt het nieuwe credo. ‘Een onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen is democratischer, rechtvaardiger en goedkoper dan het huidige sociale zekerheidsstelsel’, hoor of lees je steeds vaker.

Wie in de omschakeling in de richting van een P2P-economie gelooft of voor de noodzaak van een basisinkomen pleit, hanteert dikwijls een vorm van onvoorwaardelijk geloof. Wie er vragen of opmerkingen over durft te formuleren, wordt vaak weggezet als reactionair of tegendraads. Het onvoorwaardelijke geloof in het basisinkomen neemt naar mijn aanvoelen soms de gedaante van een religie aan. Wie gelooft wordt omhelsd, wie kritisch is krijgt de boodschap dat hij het licht nog niet heeft gezien.

Willen we in Vlaanderen en in Europa nadenken over de toekomst van links, dan kunnen we niet voorbij een verdiepende discussie rond enkele cruciale thema's. Ze hebben betrekking op de (meer)waarde die door werknemers wordt gecreëerd en aan wie we deze (meer)waarde willen toekennen, op de noodzaak aan regulerende instanties die onze samenleving ook in de toekomst nodig zal hebben en op de vraag hoe we het stelsel van onze sociale zekerheid in de toekomst willen blijven baseren op collectief georganiseerde solidariteit.

In de manier waarop de diverse linkse stemmen en krachten in Vlaanderen deze vragen zullen beantwoorden, zal duidelijk worden of er een links project kan worden ontwikkeld dat durft te geloven in een postkapitalistisch samenlevingsmodel. De sociaaldemocratie had na de Tweede Wereldoorlog meer dan één reden om te geloven in een gecorrigeerde vrije markt. Anno 2015 is een hernieuwd geloof in een vrije markt die zich nauwelijks nog laat corrigeren niet langer een optie indien men zich als ‘links’ wil definiëren.

Het debat rond P2P-economie en het basisinkomen moet gekoppeld worden aan de vraag of we het vanuit een postkapitalistisch perspectief durven voeren. Met deze bijdrage probeer ik alvast vanuit dit perspectief drie hoofdthema's te laten resoneren.

Inkomen

Een van de zwakke elementen in de bespreking van de ontwikkeling van de P2P-economie is dat het soort inkomen dat mensen uit deze nieuwe arbeid zullen/kunnen halen te weinig aan bod komt. Zelf denk ik dat de P2P-economie zich in sneltreinvaart zal ontwikkelen, en niet alleen binnen het terrein van kenniswerk(ers). Ook binnen andere werkdomeinen zal de P2P-economie zich ontvouwen. Via nieuwe technologische toepassingen zal de P2P-economie ook ingang vinden in de zorg-, onderwijs- en vormingssector. Steeds meer goederen én diensten zullen binnen een P2P-logica worden ontwikkeld, wat een fundamentele wijziging van de arbeid en de arbeidsorganisatie zal teweegbrengen. Dat zal ongetwijfeld een ingrijpende impact hebben op de manier waarop de arbeidsvoorwaarden worden onderhandeld, verdedigd en bewaakt. Wie zal beslissen welke waarde we aan deze arbeid zullen toekennen? Wie zal de meerwaarde opeisen die vanuit een P2P-economie wordt geproduceerd? Komt de meerwaarde, zoals vandaag, in handen van een kleine elite of kiezen we om de meerwaarde te socialiseren en in handen van de gemeenschap te houden?

De P2P-economie speelt zich nu nog grotendeels af in de vrije tijd van mensen, maar zal zich doorzetten in de richting van het reguliere arbeidscircuit. Mensen zullen zich afvragen welk soort inkomen ze uit hun (nieuwe) arbeid zullen halen. De kans is reëel dat veel mensen aanvankelijk bereid zullen zijn om ‘onder’ een bepaalde prijs te werken. Dat zal ze namelijk toelaten om via hun nieuwe netwerken een plek ‘in de markt’ te veroveren. Ik gebruik bewust het begrip ‘markt’, omdat de P2P-economie zich in de eerste fase noodgedwongen binnen de contouren van het kapitalisme zal ontwikkelen. Airbnb en Uber zijn hier de exponenten van. Het zijn twee netwerken die bewust kiezen om geen onderhandelde en afgesproken arbeidsvoorwaarden en prijssetting te respecteren.

De P2P-economie kan pas als een alternatief economisch systeem voor het kapitalisme fungeren, wanneer mensen de door hen geleverde arbeid beloond zien. Veel mensen zullen hun beloning ook in de toekomst in de vorm van een vast inkomen willen vertaald zien. Een (vast) inkomen laat immers toe om autonome keuzes te maken op korte en lange termijn. Zal dezelfde arbeid in het ene land anders en beter beloond worden dan in een ander land? Of wordt er een economisch systeem ontwikkeld dat een gelijke waardering nastreeft? Een werknemer uit Vlaanderen die via een 3D-printer een auto bouwt, zal in de toekomst niet langer meer verdienen dan een werknemer die in Brazilië via de in het netwerk gedeelde technologie hetzelfde voertuig print? En streven we naast een gelijke waardering een mondiale arbeidsduurvermindering na of is dit enkel voorbehouden voor de Westerse wereld?

Dankzij de technologische evoluties zou arbeidsduurvermindering door de linkse partijen al lang een topprioriteit moeten zijn. Een volle werkweek zal 25 of 30 uur tellen, en tegenover de geleverde arbeid moet een volwaardig inkomen kunnen staan. En misschien moet links durven pleiten dat mensen ook uit maatschappelijk waardevolle arbeid een inkomen kunnen halen. Waarom zouden we aan mensen die zorg dragen voor familie of buren, mee instaan voor de opleiding en het onderwijzen van jongeren, of ecologische arbeid verrichten in de eigen tuin of op gemeenschapsgronden, geen inkomen kunnen halen dat vanuit de gemeenschap wordt voorzien?

Voorstanders van een basisinkomen vergeten soms dat geld (en een inkomen) nooit uit het niets ontstaat. Een inkomen is meestal het resultaat van gecreëerde waarde en van een reeks politieke en syndicaal onderhandelde beslissingen die tot herverdeling leiden. Een deel van de waarde wordt omgezet in loon, een ander deel (meerwaarde) transformeert zich tot ‘kapitaal’. Dat kapitaal kwam de voorbije decennia steeds vaker terecht in een speculatieve en virtuele economie, en niet langer in de reële economie. Het is niet onmogelijk dat er een democratisch draagvlak ontstaat die meerwaarde (rijkdom dus) die ontstaat uit speculatie (gokken) strafbaar maakt en ertoe kan leiden dat dit soort rijkdom terug in handen van de gemeenschap komt. Waarom zouden we mensen die onrechtmatig rijk zijn geworden niet via democratische weg onteigenen?

Wie mensen een basisinkomen wil garanderen (bij voorkeur op mondiale schaal), moet durven te benoemen dat dit een strijd impliceert: we moeten een groot deel van ‘het ontsnapte’ geld terughalen, opnieuw in handen van de gemeenschap krijgen. Dat geld (deze waarde) moet de inzet worden van een debat over de manier waarop we deze middelen zullen besteden/herverdelen. Je kunt een inkomen garanderen voor wie economische arbeid presteert. Daarnaast kun je in de toekomst diverse vormen van maatschappelijke arbeid waarderen door middel van een beloning in de vorm van een inkomen.

Noodzakelijke reguleringen

Een tweede cruciaal thema dat moet worden uitgediept, is de vraag wie er binnen de P2P-economie verantwoordelijk wordt voor de noodzakelijke reguleringen. Het is immers een illusie om te denken dat de diverse P2P-netwerken op basis van zelforganisatie en horizontale besluitvormingsprocessen vat kunnen krijgen op prijszetting, inkomensgarantie, respect voor arbeidsafspraken …

Het kapitalisme doet het net heel goed omdat het aansluit op datgene wat sociologen in de distinctietheorie (Weber, Bourdieu) omschrijven: mensen zoeken hoe ze zich van elkaar kunnen onderscheiden. De P2P-economie zal voor veel mensen leiden tot de vorming van een nieuwe habitus (een plek waar mensen zich thuis voelen en veel met elkaar gemeen hebben). Tegelijkertijd zullen ze zich van elkaar willen onderscheiden. Doen alsof iedereen in de toekomst naar commons zal verlangen, is een ernstige misrekening en illuisie. Een van de terreinen waarop mensen zich ook in de toekomst van elkaar zullen onderscheiden, zal zich situeren op economisch vlak. Het onderscheid en de tegenstellingen tussen de verschillende sociale klassen zal niet zo maar verdwijnen.

Mensen zullen zich van elkaar willen onderscheiden door de manier waarop ze creëren en produceren en in de wijze waarop ze waarde(ring) zullen claimen. Vreemd genoeg wordt er binnen de P2P-beweging zelden tot nooit stilgestaan bij het gegeven macht en machtsongelijkheid. Er zal een slimme, duurzame en volhardende strijd nodig zijn, wil links de macht heroveren. Een van de uitdagendste perspectieven is dat, binnen de P2P-economie, het onderscheid tussen werkgever en werknemer misschien wel fundamenteel kan wijzigen. P2P-netwerken kunnen erin slagen om arbeidsprocessen en de organisatie van de productie te heroveren op anonieme, onzichtbare aandeelhouders. Zelf geloof ik dat een P2P-economiemodel de arbeiders de kans biedt om de productieprocessen veel sterker te bepalen en sterker in handen te krijgen. Er kan dus meer economische democratie ontstaan. Wie arbeid verricht, kan zichzelf deels als werknemer, maar ook deels als werkgever gaan beschouwen. Het syndicalisme zal zich dus op compleet andere en nieuwe manieren moeten ontwikkelen. Het mag niet langer gebaseerd zijn op de oorspronkelijke arbeidsdeling en op de ontwikkeling van de naoorlogse welvaartsstaat. Vakbonden zetten nu heel sterk in op wie economisch actief is (en op de hieraan verbonden koopkracht), terwijl zij die geen economische maar wel maatschappelijke arbeid verrichten, of zij die zich bewust willen onttrekken aan de kapitalistische economie, op weinig syndicale aandacht en betrokkenheid mogen rekenen.

We kunnen er niet omheen: een P2P-economie zal zich niet binnen een machtsvrije economische en maatschappelijke ruimte ontwikkelen. Een auto die met een 3D-printer wordt geproduceerd in Europa, zal niet noodzakelijk dezelfde prijs hebben als een identiek exemplaar (dus op dezelfde manier geproduceerd) dat in Brazilië wordt gebouwd. Zullen arbeidsvoorwaarden, inkomens, prijzen, kwaliteitsgaranties … op het niveau van de natiestaten worden geregeld? Of kun je hopen op mondiale reguleringsmechanismen? Kunnen de huidige instellingen (WHO, IMF …) binnen een P2P-economie worden vervangen door nieuwe instellingen die op fundamenteel nieuwe manieren tot reguleringsafspraken komen en deze omzetten in wetten die onderwerp van juridische bescherming kunnen worden?

Op welke niveaus en schalen willen we dat er politieke, economische en ecologische reguleringsmechanismen worden ontwikkeld? Een overheid of staat hoeven we niet als iets vijandigs of beperkends te beschouwen, maar wel als een veruitwendiging van democratische controle. Uiteraard hoeft dit geen kopie van onze parlementaire democratie te zijn. Er kunnen arbeids- en controleorganen met een sterk bottom-up karakter worden ontwikkeld. Maar hoe noodzakelijk vinden we die controle, regulering en bescherming? Of denken we werkelijk dat de P2P-economie en masse bevrijde individuen en burgers zal voortbrengen die in staat zijn tot zelfregulering?

Sociale zekerheid

In de bespreking van de P2P-economie en het basisinkomen worden er, ten derde, voorlopig nog geen scenario’s ontwikkeld over welke vorm van sociale bescherming en sociale zekerheid we binnen een P2P-economie willen ontwikkelen. De sociale zekerheid, zoals we die in het Westen kennen, is een stelsel van solidariteit dat grotendeels door de werknemers wordt ontwikkeld. Een flink deel van het loon vloeit naar de overheid die de middelen herverdeelt binnen het stelsel van de sociale zekerheid. Mensen die arbeid verrichten, zijn voor een groot deel verantwoordelijk voor die solidariteit. Kapitaalbezitters dragen hier ook toe bij, zij het in veel geringere mate. Laten we niet vergeten dat kapitaal heel vaak niets anders is dan rijkdom die door arbeid is voortgebracht en die via accumulatie en toe-eigening van de meerwaarde als ‘kapitaal’ wordt beschouwd.

Een vreemde paradox is dat alle volwassenen verwacht worden te ‘werken’ en werkgevers onophoudelijk om een loonkostenverlaging vragen. Vreemd genoeg vervangen werkgevers het begrip 'loonkost' haast systematisch door 'loonlast'. Het loon dat werknemers voor hun arbeid ontvangen, kunnen we nooit als last beschouwen. Een flink deel van het loon wordt namelijk ingezet om de sociale zekerheid te financieren en dus te waarborgen.

Lonen die hoog genoeg liggen, zijn dan ook een goede zaak als we kwaliteitsvolle sociale bescherming willen organiseren.

En wat als de sociale zekerheid en sociale bescherming uit de handen van de vrije markt proberen te gehouden? Ik stel deze vraag omdat een flink deel van onze gezondheidszorg onderhevig is aan manipulaties vanuit de vrije markt. Denk maar aan dure medicatie of dure en soms onnodige medische prestaties. En wat met de privatisering van ouderenzorg?

De gevolgen?

Hoe zullen we binnen een P2P-economie inzetten op de ontwikkeling van universele sociale bescherming? Verwachten we dat een deel van de sociale bescherming onderling tussen mensen (in lokale gemeenschappen) wordt georganiseerd? En leunt dat aan bij de participatiesamenleving die in Nederland ingeburgerd raakt en stilaan ook in Vlaanderen opgang maakt? Of blijven we kiezen voor een door een overheid georganiseerd stelsel dat wordt gefinancierd door werknemers en diegenen die zich een groot deel van de meerwaarde toe-eigenen? Zal er sprake zijn van een nieuwe sociale kwestie? In het naoorlogse model werd van de werkgevers verwacht dat ze voor een quasi-volledige tewerkstelling zouden zorgen. De overheid van haar kant zou zorgen voor een opvangnet in uitzonderingssituaties.

Vreemd genoeg is ‘niet werken’ tegenwoordig zo goed als synoniem met ‘het op een aangepaste manier beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt’, ook al zijn er reeds jarenlang te weinig beschikbare jobs. Kan een P2P-economie ertoe leiden dat niet alleen economische maar ook andere vormen van arbeid wordt gevalideerd en elke burger het recht op sociale bescherming kan genieten?

Het ziet er intussen naar uit dat het arbeidsvolume en het aantal beschikbare jobs in de toekomst alleen maar kunnen en zullen dalen. Daalt dan ook de (meer)waarde uit de geproduceerde arbeid? Uit welke andere bronnen kunnen we ‘rijkdom’ halen die tot herverdeling kan leiden? Tot nog toe wordt de massawerkloosheid sterk misbruikt door middel van loonmatiging. En het huidige pleidooi om vervangingsinkomens te verlagen om zo mensen aan het werk te krijgen, is eigenlijk een rechtstreekse afbraak van een deel van ons sociaal zekerheidsstelsel. Terwijl de technologische innovaties en verdere automatisering nooit nog tot een volledige tewerkstelling in klassieke zin zal kunnen leiden.

Kan er binnen een P2P-economie een fundamentele arbeidsherverdeling worden ontwikkeld zonder dat dit tot de ontmanteling van de sociale zekerheid leidt? Kunnen er loopbanen worden ontwikkeld die verbonden worden met een universeel tijdskredietstelsel waarbij vormen van maatschappelijke en ecologische zorg onderdeel worden van een dergelijke loopbaan? Beschouwen we de ontwikkeling van sociale bescherming als een volwaardig onderdeel van onze samenleving die niet langer door de economie wordt gedomineerd? En kunnen we uitgaven die we binnen het stelsel van sociale bescherming doen als investeringen in plaats van als uitgaven beschouwen? En: kan een P2P-economie inzetten op de ontwikkeling van sociale bescherming op een zo universeel mogelijke schaal, vanuit een mondiaal perspectief, zodat het imperialisme en oorlogen als onderdeel van het kapitalisme kunnen worden vervangen door vredesdividenden? En door welke instellingen willen we in Europa de Trojka vervangen, zodat de burgers en het volk van Europa hun soevereiniteit heroveren op een heerszuchtige, pathologisch gestoorde elite?

Een elite die by the way door Europees links veel te weinig het vuur aan de schenen werd en wordt gelegd.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

3 reacties

  • door ROLLIE op maandag 16 maart 2015

    ZEER GOEDE ANALYSE. ALLE MAATSCHAPPIJ VORMEN DIE ONDER DRUK STAAN GAAN ALLE MIDDELEN AANWENDEN TOT DICTATUUR EN FASCISME TOE OM HUN MACHT TE BEHOUDEN. ALLE NIEUWE PRODUCTIE VORMEN DIE MEERWAARDE PRODUCEREN GAAN ZE OPSLORPEN OF VERNIETIGEN. HET ANTWOORD / ECONOMISCHE DEMOCRATIE ONTEIGENEN VAN BANKEN EN SLEUTELSECTOREN VAN DE ECONOMIE ONDER ARBEIDERS CONTROLE EN ZELFBEHEER GESTEUND DOOR EEN RADEN DEMOCRATIE VERTREKKEND IN WIJKEN STEDEN FABRIEKEN DISTRICTEN EN VAN DAARUIT EEN PLAN ECONOMIE DIE IN EERSTE PLAATS DE BASIS BEHOEFTEN VAN IEDEREEN DEKT

  • door Leon Segers op maandag 23 maart 2015

    Het artikel van Dominique Willaert geeft inderdaad een aantal doordachte commentaren op de P2P economie. Het cruciale punt is echter dat hij spreekt over de P2P economie en het basisinkomen en dan op de P2P economie zijn commentaar geeft. Het ware beter geweest om bij het basisinkomen te beginnen; als je dat namelijk doet en dan ook werkelijk in die termen (dat wil zeggen iedereen kan leven en zijn keuze om te werken of zijn leven anders in te vullen komt daarna) probeert te denken, dan zul je tot de conclusie komen dat net dat onvoorwaardelijk basisinkomen leiden zal tot een meer P2P economie en wel geleidelijk. De kwesties "reguleringen" etc. verdampen dan immers dit soort vragen heeft de huidige paternalistische samenleving (van de "grote broer" die wel eens zal bepalen of en hoeveel jij "werkt") als referentiekader. De wereld van het onvoorwaardelijk basisinkomen maakt mensen zelf veel meer verantwoordelijk voor het invullen van de samenleving. Met een onvoorwaardelijk basisinkomen is pas een echte democratische samenleving mogelijk; het is de basis van de samenleving van de toekomst, van de "Wiki" samenleving waarin de "reguleringen" vanzelf zullen kunnen worden overeengekomen en waarin in ieder geval de solidariteit vooraf gegeven is en het uitgangspunt is van het samenleven zelf. Hoe en wat mensen dan in vrijheid (ook vrij van de zorg voor het "dagelijks brood") met elkaar zullen samenleven is moeilijk vooraf te zeggen en zal ook veelvuldige invullingen krijgen, misschien regionaal verschillend …….. en hoe groot zullen dan die regio's zijn….. Het zal tot boeiende experimenten leiden, wellicht ook tot geheel of gedeeltelijk P2P. Via de ("automatische") daling van de arbeidskosten tot ± 1/3 van de huidige leidt het i.i.g. tot een overvloed van "rendabel" werk

    • door Jean Lievens op dinsdag 7 april 2015

      De Wereld Morgen geeft maar een beperkte ruimte om te antwoorden. Een eerste reactie publiceerde ik inmiddels op de blog van de P2P Foundation: http://blognl.p2pfoundation.net/?p=1057

      Maar in een nutshell: Onze stelling is dat we evolueren van een kapitalistische economie gebaseerd op Arbeid en Kapitaal en een daarbij horende arbeidsverdeling naar een P2P economie gebaseerd op de commons en een daarbij horende vrije taakverdeling. Binnen het huidige kapitalistische kader heeft deze tendens bijzonder destructieve kanten, zoals de Ubers en Mechanical Turks van deze wereld overduidelijk laten zien. Hoe we een inkomen kunnen verwerven uit deze activiteiten (en de commonseconomie onafhankelijk kunnen maken van het kapitalisme, net zoals de kapitalisten destijds hun economie hebben bevrijd van het feodale juk), is inderdaad een cruciale kwestie. We hebben daar voorstellen over, zoals de oprichting van open, solidaire coöperatieven en de vorming van een coalitie van ethische bedrijven rond de commons (coöperatieven, fairtradeorganisaties, ngo’s, non-profits, sociale ondernemers)… Voor meer uitleg verwijs ik naar een recent interview met Michel Bauwens in de OBS (weliswaar in het Frans) http://rue89.nouvelobs.com/2015/04/06/quand-survient-chaos-faut-deja-avoir-les-solutions-258517

    Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties