Reportage - Thomas Decreus

David Graeber in het bezette Maagdenhuis: “Directe actie loont”

Op zaterdag 7 maart sprak de internationaal vermaarde antropoloog David Graeber in het bezette Amsterdamse Maagdenhuis. DeWereldMorgen.be luisterde mee.

zondag 8 maart 2015 19:50

Graeber is niet
alleen een invloedrijke antropoloog. Ook als activist heeft hij reeds
heel wat op z’n palmares. Zo lag hij mee aan de basis tot wat zou
uitgroeien tot Occupy Wallstreet. De slogan ‘we are the 99%‘ zou door
hem bedacht zijn. Voordien was hij actief in de Britse
protesten tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld in 2010. Waar
protest is Graeber, zo lijk het wel.

Nog voor de komst
van Graeber loopt de centrale hal van het Maagdenhuis reeds aardig
vol. Een bont gezelschap van studenten, beroepsactivisten, docenten
en sympathisanten neemt de vloer in. Er wordt rustig gekeuveld, de
sfeer is veeleer gemoedelijk dan strijdbaar. Tot Graeber het woord
neemt. 

De onvrije markt

Wat van aanvang duidelijk is: Graeber heeft
lak aan conventies. Hij geeft aan geen klassieke academische lezing
te willen geven. Wat hem betreft moet er een open gesprek
plaatsvinden waaraan zoveel mogelijk mensen kunnen participeren.
Graeber voegt de daad bij het woord en gaat in kleermakerszit tussen
de toehoorders zitten.

De sfeer is meteen gezet wanneer
Greaber aangeeft dat directe actie wel degelijk werkt. “In
tegenstelling tot wat vaak gesteld wordt, is directie actie zowat de
beste methode die je kan bedenken. Directe actie ondernemen door
bijvoorbeeld een gebouw als dit te bezetten, doet ons beseffen dat er
alternatieven zijn op de bestaande situatie. Het doet ons nadenken
over hoe we onszelf en de samenleving willen organiseren. Het leidt
tot reflectie. Wanneer mensen experimenteren beseffen ze plots dat er
veel meer mogelijk is dan ze aanvankelijk beseften. Een plek als deze
bewijst dat een radicale democratie mogelijk is, dat het uitvoerbaar
is. Het opent perspectieven.”

Nauwelijks is Graeber
begonnen, of iemand uit het publiek neemt het woord. Er wordt
gealludeerd op zijn nieuwe boek, The Utopia of Rules
On Technology, Stupidity, and the Secret Joys of Bureaucracy
. Hoe hangen de opkomst van een nieuwe
bureaucratie en de hegemonie van het neoliberalisme samen? En wat
leert ons dat over de universiteit, wil iemand weten. Graeber steekt van wal:

“We zijn opgegroeid met een fictie. Een
fictie die steeds opnieuw herhaald wordt en die we daardoor voor waar
zijn gaan aannemen. We gaan ervan uit dat er conflict bestaat tussen
markt en staat. De staat zou zogezegd staan voor een toenemende
bureaucratie en onvrijheid, terwijl de markt administratieve
vereenvoudiging en vrijheid bewerkstelligt. Dat klopt niet. De hoop dat
een vrije markt en een terugdringing van de staat zouden leiden tot
minder bureaucratie en meer vrijheid bleek een ijdele hoop. Ieder
zogenaamd terugdringen van de staat ten voordele van de vrije markt
heeft enkel geleid tot meer bureaucratie.”




Cijfers en repressie

“Vandaag leven we
in volledig gebureaucratiseerde samenleving. Private en publieke
bureaucratie lopen door elkaar. Om een voorbeeld te geven: mijn
bankrekening werd recent afgesloten omwille van veiligheidsredenen.
Ik was vergeten iets te registreren of aan te geven. Toen ik
probeerde om opnieuw toegang te krijgen tot mijn rekening, wezen
private bank en staat naar elkaar voor het bestaan van die regels en
veiligheidsvoorschriften.”

“Ik vraag me
eigenlijk steeds meer af of we wel leven in een kapitalistisch
systeem. Volgens Marx bestond de kern van het kapitalisme hierin: de
kapitalist buit de arbeider uit door hem een loon te geven en zich de
meerwaarde van de arbeid toe te eigenen. Maar in tijden van
financieel kapitalisme loopt die analyse mank.”

“Ik denk dat het
correcter is om te spreken over een nieuw soort feodalisme.
Financiële instellingen komen gewoon naar ons toe en eisen geld. Net
zoals een feodale heerser naar de boeren ging om een deel van de
oogst op te eisen.”

“Wall Street teert
op een systeem van schulden, tegoeden, interesten en boetes die het
int. Een gemiddeld huishouden in de VS staat twintig tot veertig
procent van zijn maandelijkse inkomsten onmiddellijk af aan banken.
Wie die schulden niet langer kan betalen, wordt geconfronteerd met
bruut geweld. Op dat vlak zijn financiële instellingen en de staat
gewoon twee handen op één buik. Eigenlijk vormt het interieur van
een doordeweekse bank de perfecte metafoor voor hoe het huidige
bestel werkt. Een bank ziet er tegenwoordig clean, minimalistisch en
afstandelijk uit. Als designwinkels waarin niets verkocht wordt. Het
enige wat je ziet zijn computerschermen en gewapende mannen die de
boel beschermen. Cijfers en repressie. Daar komt het op neer.”

Laat ons conservatief zijn

Volgens Graeber
verkeert het kapitalisme in een permanente crisis sinds 2008. Het is
een crisis waar het kapitalisme zelf nog geen antwoord op heeft
gevonden. Sterker nog: “Ondanks het feit dat het systeem geen
enkele legitimiteit meer geniet sinds 2008, blijven machthebbers
verdergaan op het ingeslagen pad. Toen iedereen wist waar een
financialisering en privatisering toe leidden, besloot de Britse
regering in 2010 om het onderwijs verder te privatiseren en te
financialiseren. Britse studenten moeten zich tegenwoordig in
torenhoge schulden werken om hun studie te kunnen betalen. En dat
terwijl het systeem van publiek en goedkoop onderwijs perfect werkt.”

“We leven in
vreemde tijden. Tegenwoordig ben je radicaal links wanneer je net de
verdediging van conservatie waarden opneemt. Eigenlijk proberen wij
vast te houden aan wat een universiteit in wezen is. De universiteit
ontstond in de middeleeuwen, het was toen gestructureerd als een
gilde van kenniswerkers. Vanuit het idee dat kennis een waarde op
zichzelf is die moet beschermd worden. Het gaat om het bewaren en het
doorgeven van de beschaving zelf. Maar dat wordt tegenwoordig
ondermijnd door politici en universiteitsbestuurders. De grap is dat
de universiteit in de middeleeuwen democratischer was dan de
universiteit van nu. De universiteit heeft sinds de middeleeuwen vele
eeuwen overleefd zonder haar kerntaak uit het oog te verliezen. Maar
nu, na al die eeuwen, staat die kerntaak op de helling.”

Blijf groeien

Maar wat moeten de
studenten die dit gebouw bezetten dan doen, werpt een toehoorder op.
Graeber antwoordt aanvankelijk aarzelend. Hij benadrukt dat het de
strijd van de studenten zelf is, dat vooral zij het initiatief moeten
nemen. Maar Graeber waarschuwt wel voor de vaak voorkomende vallen
waarin je als actievoerder kunt tuimelen:

“Het werkt meestal
als volgt. Op een bepaald moment zal het universiteitsbestuur enkele
mensen als woordvoerder beschouwen. Zij zullen als contactpersoon
tussen bestuur en actievoerders worden opgevoerd. Zij zullen
uitgenodigd worden op vergaderingen, er zullen kleine of vage
toegevingen gedaan worden en de woordvoerders zelf zullen bepaalde
privileges krijgen. Op de manier zal de universiteit het protest
proberen te breken. Trap niet in die val. Laat je niet meesleuren in
de werking van het systeem.”

“Maar probeer ook flexibel en
dynamisch te blijven als actievoerders. Zorg ervoor dat je eigen
procedures en democratische werking geen fetisj worden. Want daar zul
je heel veel energie aan verliezen. Zorg ervoor dat je blijft
groeien, dat je de spanning erin houdt. Maar probeer tegelijk niet
uit het oog te verliezen dat het protest en de bezetting zelf een
voorafspiegeling moeten zijn van de samenleving waarin je wil leven.”




We zijn allemaal communisten

En dan komt de
onvermijdelijke vraag: wat is het alternatief? Welke samenleving komt
er na de kapitalistische, of feodalistische, waarin we nu leven? Hoe
kunnen we een andere en betere samenleving creëren? Graeber krabt
zich even achter de oren, maar begint dan een lang exposé:

“Misschien moeten
we ons vooral de vraag stellen of we wel nog in een kapitalistische
samenleving leven? Zoals ik al zei vertoont dit systeem op sommige
vlakken de kenmerken van een feodaal systeem. Misschien zal er later
in geschiedenisboeken naar onze periode verwezen worden als de
periode waarin het kapitalisme reeds verdwenen is, een
post-kapitalistische periode.”

“In ieder geval, het
kapitalisme of hoe het je ook wil noemen, zal sowieso verdwijnen. Dat
is een zekerheid. Het systeem zoals we dat nu kennen, geef ik maximaal vijftig jaar. Maar dat is op zich geen nieuws. Waar we ons
vooral moeten bekommeren, is wat er na het kapitalisme zal komen. Het
is zeker niet gezegd dat het kapitalisme automatisch zal vervangen
worden door een beter systeem. Het zal erop aankomen om dat beter
systeem mee te helpen scheppen.”

“Communisme of anarchisme
zijn geen idealen die we misschien in een verre toekomst zullen
realiseren. In zekere zin ontwikkelen zich reeds vormen van
anarchisme en communisme binnen onze samenlevingen. Alleen zien we ze
vaak niet. Het was een inzicht dat ik opdeed toen ik eind jaren
tachtig in Madagascar verbleef voor onderzoek. Ik vertoefde in een
stadje dat volledig buiten de gevestigde staatsorde functioneerde. In
eerste instantie zag ik dat niet. Er waren wel enkele
overheidsgebouwen en daardoor leek het alsof de staat er aanwezig
was. Maar na enkele weken had ik door dat dit schijn was. Het stadje
opereerde op zichzelf, was autonoom. Er was geen centraal gezag. En
het werkte allemaal. Alleen, vanaf het moment dat je een vlag zou plaatsen op het
hoogste gebouw en aankondigen dat het om een autonome zone ging, zou de staat meteen het stadje binnenrollen.”

“Er zijn nog
andere voorbeelden te bedenken. Kijk naar de interne werking van een
bedrijf. Eigenlijk beantwoordt de samenwerking tussen collega’s aan
een communistische logica. Je vraagt geen bedrag aan de collega die
je pen even leent. Nee, je werkt samen en het eigendom is collectief.
En dat is niet verwonderlijk, de primaire logica waarop de
samenleving rust, is een communistische logica. Een zeker communisme
vormt de basis van onze sociale interactie. We wisselen voortdurend
zaken op vrijblijvende wijze uit, zonder rekening te houden met
private eigendomsbetrekkingen. Zonder zou de samenleving niet
mogelijk zijn. Iedere vrije overeenkomst die mensen bereiken buiten
de staat of de markt om, beantwoordt aan het ideaal van het
communisme of het anarchisme. Het komt erop aan die logica verder uit
te breiden.”

Basisinkomen

“Maar we moeten
ook nadenken over concrete maatregelen die ervoor zorgen dat we in
een andere logica terechtkomen. Ik pleit duidelijk voor
arbeidsduurvermindering. We werken allemaal te veel en te lang, hebben
geen tijd meer voor zaken die echt van belang zijn. De meeste van
onze jobs zijn volstrekt nutteloos. Het zijn bullshitjobs die niets
bijbrengen aan de maatschappij, niet nuttigs creëren.”

“Daarnaast pleit
ik voor een basisinkomen. Ik zie echt niet in waarom we daar geen
strijd voor zouden leveren. Laat ons het leger aan bestraffende en
beboetende ambtenaren waarmee de afgezwakte welvaartsstaat zich in
stand houdt, afbouwen. De meeste jobs die deze mensen uitvoeren
brengen toch niets voort. Geef ze een basisinkomen, laat ze
musiceren, poëzie schrijven. Het zal nuttiger zijn dan wat ze nu
doen. Het basisinkomen is een manier om mensen hun autonomie en
vrijheid terug te geven. Het is een middel om mensen onafhankelijker
te laten worden ten opzichte van de markt en de staat. Ik ben er
helemaal voor.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!