De presentatie van de 'top 24'-voorstellen voor de heraanleg van de centrale lanen in de AB in Brussel (foto: BRAL)
Reportage, Nieuws, Samenleving, België, Lokaal, Brussel - Helenka Spanjer

Participatie in Brussel: “Twee dove mensen voerden een gesprek”

De uitkomsten van het participatietraject voor de heraanleg van de centrale lanen in Brussel zijn bekend. Studiebureau SUM Project toonde hoe ze zijn verwerkt in het voorontwerp. Deelnemers, stadsbestuur en geïnteresseerde inwoners waren erbij. Hoe blij de bewoners ook waren dat er een traject was, voor hen zouden de participatiemogelijkheden fors mogen toenemen.

dinsdag 3 februari 2015 21:00

De centrale lanen in Brussel staan aan de vooravond van een transformatie tot voetgangerszone. Het gaat om de Anspachlaan en de bijbehorende dwarsstraten tussen het De Brouckêreplein en het Fontainasplein. Aan Studiebureau SUM Project de eer om de heraanleg te ontwerpen. Nog voor het einde van de openbare presentatie verliet burgemeester Mayeur de zaal. “Terwijl het
hier gaat om een participatietraject. Dit was zijn moment”, aldus bewoonster
Tine Declerck.  

Het ‘moment’ was de presentatie op 22 januari van de ‘top 24’-voorstellen
uit het participatietraject voor de heraanleg van de centrale lanen in Brussel. Het ging over de invulling van de publieke ruimte. Een greep uit die lijst: toegankelijkheid voor personen met beperkte
mobiliteit, plaatsen van fietsenstallingen en openbare toiletten, samenhang in
het straatmeubilair, bouwen van een kiosk, een vrije ruimte voor culturele manifestaties. 

Zo’n 500 buurtbewoners en geïnteresseerden waren op de presentatie afgekomen.
Het stadsbestuur – inclusief Yvan Mayeur – zat vooraan in de zaal. Een deel van de
participanten was tevreden over de wijze waarop hun voorstellen zijn verwerkt in
het voorontwerp van de heraanleg. Andere aanwezigen vonden de lijst niet
representatief voor de suggesties die gedaan waren tijdens het traject. Eensluidend waren de bewoners echter over één ding: meer participatie- en inspraakmogelijkheden.  

De hand reiken 

Schepen van Participatie Ans Persoons wilde namens het stadsbestuur de hand
reiken naar de bewoners: “We
stonden voor de keuze: wachten op het mobiliteitsplan, maar dan zouden we niet voor
de bouwaanvraag, die begin 2015 moest worden ingediend, opmerkingen van
bewoners kunnen verzamelen en verwerken in het voorontwerp, of een
participatietraject starten, maar dan enkel en specifiek over de heraanleg van
de centrale lanen. Het was op zich beter geweest als het traject voor beide
plannen samen was georganiseerd, maar dat was praktisch gezien niet mogelijk.”  

Persoons zette het participatietraject in gang.
Artgineering, een Nederlands onderzoeks- en ontwerpbureau op het gebied van
stadsontwikkeling en infrastructuur, kreeg de opdracht om het traject uit te
voeren. Tijdsbestek: drie maanden, van september tot en met december 2014.  

Volgens gemeenteraadslid Liesbet Temmerman (Ecolo-Groen) gaf
burgemeester Mayeur vanaf het begin al aan dat de methode van het
participatietraject kort moest zijn en enkel mocht gaan over de heraanleg van de
centrale lanen. Temmerman: “Volgens Mayeur zou er anders geen eind komen aan
het debat en zouden er situaties ontstaan waarbij mensen denken dat ze de
expert zijn met ellenlange discussies tot gevolg.”

Actieve participatie

DeWereldMorgen.be sprak met Tine Declerck en Pierre Bern, twee
buurtbewoners die na een loting tot de zestig deelnemers behoorden die mochten
deelnemen. Ze erkennen de wil bij het stadsbestuur om advies te vragen aan de
bewoners. Maar het participatieplan zou volgens hen een stuk effectiever zijn
geweest als er meer tijd was vrijgemaakt en er tevoren meer achtergrondinformatie was verstrekt.  

Het participatietraject kwam neer op een veldatelier – waarbij in totaal
686 voorbijgangers zijn gevraagd naar hun mening over de huidige situatie en naar hun
suggesties voor de heraanleg – en twee werkgroepsessies van ieder drie uur voor
de zestig ingelote bewoners. Het doel was concrete voorstellen te ontvangen voor de herinrichting van de centrale lanen.  

“In totaal was er dus zes uur actieve participatie, voor een project dat
eens in de veertig jaar wordt beslist”, aldus Bern. “Om als inwoner in staat te
zijn goed op een groot plan in te gaan en goed met elkaar te overleggen, had er
meer tijd moeten worden uitgetrokken. Daarbij zou het goed zijn als ook mensen mogen deelnemen die
net buiten de wijk wonen. Zij hebben net zoveel te maken met de heraanleg.”  

Gebrek aan informatie 

Sowieso waren de participatiemogelijkheden of de aanmeldingsprocedure voor heel wat inwoners van de wijk niet evident. Declerck: “Veel
mensen waren niet op de hoogte dat ze een aanmeldingsbrief in de bus moesten
komen steken om überhaupt kans te maken op deelname.”  

Nadat Declerck hoorde dat ze geselecteerd was, organiseerde ze direct twee
meetings met vrienden op café. “Ik zat niet in het participatietraject om
alleen mijn eigen mening te verkondigen, maar ook die van de mensen uit mijn
omgeving. Maar ik kon me helemaal niet goed voorbereiden, want we kregen van
tevoren geen enkele informatie toegestuurd.” 

Hoe kun je claimen dat je aan participatie doet met de burger als je met hen de achterliggende research en
informatie niet deelt, die de architecten wel in handen hebben gekregen, vraagt
Declerck zich af. “Dan zijn wij burgers inderdaad niet geplaatst om onze mening te
verkondigen.” 

De werkgroepen waren verdeeld in vijf thema’s: zachte mobiliteit,
stadsmeubilair, groene ruimte, cultuur en economie, en kunst in de openbare
ruimte. Pas bij aanvang van de eerste sessie hoorden de deelnemers in welke
groep ze zaten. Declerck: “Ik heb meerdere keren gemaild, maar kreeg geen reactie.” 

Onbeantwoord tijdens de werkgroepsessies bleven vragen als Komt er horeca?, Wat voor
type handelszaken willen jullie er plaatsen?, Wat wordt de huurpolitiek voor
de openbare woningen boven de handelsplaatsen?
, gaat Bern verder.
“Het handelsplan was nog in opmaak, werd ons verteld.”  

Bankjes en lampjes 

Op een bepaald moment tijdens de werkgroepsessie werd het Declerck
duidelijk dat medewerkers van het architectenbureau SUM zèlf niet goed wisten
wat ze van de burgers wilden weten. Declerck: “‘Ik vroeg aan hen: ‘Op welke
vraagstukken in de heraanleg hebben jullie als architectenbureau nog geen
antwoord? Waarin kunnen wij als bewoners, handelaars en gebruikers van dit stuk
Brussel jullie adviseren?’”  

“We kregen stuntelige antwoorden zoals: ‘De plaatsing van de kiosken zijn
nog niet definitief, misschien kunnen jullie die hier vastleggen?’ Of: ‘We zijn
nog niet zeker of we de terrassen van de horeca tegen de gevel of tussen de
bomen gaan plaatsen, hoe denken jullie daarover?’ Het feit dat er kiosken en
terrassen zouden komen, stond dus al vast.”  

“We herhaalden de vraag meerdere malen, omdat we graag wilden weten over
welk vraagstuk we ons concreet konden buigen. Maar het ontglipte de
SUM-medewerksters dat er eigenlijk niks concreets was waarop zij zaten te
wachten.” Het was helder. De burger mag zich buigen over esthetiek. Bern: “Was
er maar meer tijd geweest om te praten over het brede discours. Wij burgers
zijn goed om beslissingen te nemen over meer dan alleen bankjes en lampjes.” 

Oren 

Declerck benadrukt dat SUMs voorontwerp van de heraanleg er prachtig uitziet. Ze kan niet wachten tot ze over de fietspaden van de Anspachlaan kan fietsen.
Ook Artgineering heeft goed werk gedaan door de wijze waarop ze zijn omgegaan
met veel frustratie die ze hebben moeten incasseren. Declerck: “Zij waren de
oren die het stadsbestuur had moeten zijn.” 

Het mobiliteitsplan is zo’n onderwerp waarover het stadsbestuur tijdens het
participatietraject niets wilde horen. Tijdens de presentatie van de top 24-lijst
werd dat nog eens goed duidelijk toen een inwoner uit het publiek vroeg waarom
er niet over het circulatieplan en de vier geplande nieuwe parkings gesproken
kon worden. Hij wilde graag weten wat de plannen met elkaar te maken hebben. Hij
moest het doen met een herinnering dat het hier enkel zou gaan over de
heraanleg van de centrale lanen en dat het mobiliteitsplan op de bijeenkomst niet ter discussie stond.  

Verbreding 




Sommige bewoners lieten het er tijdens de presentatie niet bij zitten. Papieren
vliegtuigjes zweefden regelmatig langs met de leus: ‘NON, au survol de
Bruxelles par de projets stupide
’. En uit het niets ontrolden zich vanaf het balkon
in de zaal vier spandoeken. Zowel links als rechts van het publiek
bungelden twee langwerpige doeken. Op ieder exemplaar pronkte een van de vier
geplande parkings met een verbodsteken er doorheen.  

Declerck: “Wat er die avond gebeurde, was dat twee dove mensen een gesprek met
elkaar probeerden te voeren. Uiteindelijk zijn we heel blij dat er beweging is
in de stad en dat er verder wordt nagedacht dan koning auto. Maar we zien graag
een verbreding in de weg die we zijn ingeslagen met de participatie.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!