about
Toon menu

Boek onthult opmerkelijke details over Frans-Syrische betrekkingen

In Les Chemins de Damas onthullen Franse journalisten Christian Chesnot en George Malbrunot enkele geheimen over de betrekkingen tussen Frankrijk en Syrië van de afgelopen veertig jaar. Het boek typeert de betrekkingen tussen de twee landen als "quasi-schizofreen".
dinsdag 21 oktober 2014

De Amerikaanse politicoloog Jack Snyder heeft voor zijn democratiseringstheorie het concept 'gouden parachutevertrek' bedacht: een amnestieregeling voor ondemocratische staatshoofden. Van deze regeling wilden Franse presidenten in de betrekkingen met Syrië maar al te graag gebruikmaken, om zo het Assad-regime ten val te brengen en president Bashar al-Assad af te zetten.

Het boek Les Chemins de Damas, Le dossier noir de la relation franco-syrienne ('de straten van Damascus, Het zwarte dossier over de Frans-Syrische betrekkingen') gaat hier breed en diep op in. Het is in oktober verschenen. De auteurs zijn Le Figaro-journalisten Christian Chesnot en George Malbrunot.

De Egyptische nieuwswebsite El Ahram onthult enkele geheimen uit het boek over de Frans-Syrische betrekkingen van de afgelopen veertig jaar.

Tegenstrijdigheden

De betrekkingen tussen de twee landen worden "quasi-schizofreen" genoemd. Deze typering heeft grotendeels te maken met de tegenstrijdige standpunten die partijen binnen de Franse regering en het ministerie van Buitenlandse Zaken innamen ten aanzien van de Syrische crisis. Ook de rapportages die de Franse binnenlandse en buitenlandse inlichtingendiensten over het land maakten, bevatten inhoudelijke tegenstrijdigheden. Conclusies over het Assad-regime staan lijnrecht tegenover elkaar.

Al waren beide diensten het erover eens dat Assad niet zo gauw afgezet kan worden, de binnenlandse inlichtingendienst lette op de rol van salafisten en jihadstrijders, terwijl de buitenlandse inlichtingendienst voornamelijk het Assad-regime in kwaad daglicht bleef stellen.

Het Elysée gaf meer aandacht aan de conclusies van de buitenlandse inlichtingendienst. Les Chemins de Damas geeft details vrij over de manier waarop Franse presidenten het Assad-regime ten val probeerden te brengen. Na de moord op de Libanese ex-premier Rafik Hariri in februari 2005 wilde de toenmalige president Jacques Chirac bijvoorbeeld meteen zijn Syrische collega Assad afzetten. Franse autoriteiten hadden toen twee Dauphin-helikopters naar Assad gestuurd, en voorzagen zijn entourage van een beveiligd communicatiesysteem. Dit kon het zogenaamde 'gouden parachutevertrek' voor het Assad-regime betekenen.

Nonsens

Ook de navolgende presidenten Nicolas Sarkozy en François Hollande zochten naar een uitweg voor vertrek van het Assad-regime. De Franse presidenten hebben het overlevingsvermogen van het Syrische regime sterk onderschat. In het Elysée deed men toch er alles aan om het eigen standpunt over Syrië te laten prevaleren boven dat van een aantal Franse diplomaten die in Syrië werken en de Franse ambassade in de hoofdstad Damascus.

Het boek werkt een treffend voorbeeld uit in het hoofdstuk “Een Ruzie aan de Kade van Orsay”. Ze voltrok zich in de lente van 2011 op het kantoor van Hezrve Ladsous, de stafchef van het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken. Toentertijd was Alain Juppe minister van Buitenlandse Zaken. De ruzie werd gevoerd tussen Syrië-ambassadeur Eric Chevallier en Midden-Oostenadviseur van ex-president Sarkozy, Nicolas Galey. Onder de aanwezigen waren: Patrice Paoli (voormalige directeur van het departement Midden-Oosten en Noord-Afrika, nu Libanon-ambasadeur), Joseph Maila (aspirant-directeur van het departement) en een handjevol diplomaten die aan het dossier-Syrië werkten.

Chevallier geloofde dat “het Assad-regime niet ten val zal komen”, en dat president Assad sterk is. Dit had hij als diplomatieke boodschap vanuit Damascus gestuurd, waarvoor hij naar Parijs moest terugkeren. Ook op het ministerie bleef de Syrië-ambassadeur bij zijn standpunt, en zei dat hij nauw betrokken was bij wat er “in het veld” gebeurde, en dat hij verschillende regio's in Syrië had bezocht maar niet het idee kreeg dat het Assad-regime aan het “afbrokkelen” was.

Tijdens zijn uitleg werd Chevallier onderbroken door Galey: “Praat geen nonsens!” zei de Midden-Oostenadviseur. “We moeten niet aan de feiten vasthouden, maar verder kijken dan onze neus lang is." De interruptie van Galey werd door de aanwezigen als “vijandig” ervaren.

Afgezet

Later is gebleken dat Galey niet was gekomen om een bijdrage aan de vergadering te leveren, maar om een opdracht uit te voeren: de aanwezigen overtuigen dat de val van het Assad-regime “onvermijdelijk'” was. Hij moest het voor iedereen begrijpelijk maken dat elk standpunt hiertegen door de Franse diplomatieke korpsen niet getolereerd zou worden.

Chevallier bleef zijn visie verdedigen, tot ergernis van het Elysée. Chevallier zei dat hij met Syrische oppositiekrachten herhaaldelijk had gesproken, maar dat hij nog steeds voelde dat “het regime voldoende middelen en buitenlandse steun heeft om te overleven”.

Tegen Galey zei Chevallier: “U wilt dat ik iets anders opschrijf, maar als ambassadeur is het mijn werk om te herhalen wat ik al heb opgeschreven; hetgeen wat er feitelijk is gebeurd.” “Uw informatie interesseert ons niet”, reageerde Galey. “Bashar al-Assad moet afgezet worden en hij wordt afgezet.” De spanningen liepen zo hoog op dat stafchef Ladsous herhaaldelijk de heren tot de orde riep.

Bijgeknipt

Les Chemins de Damas beschrijft hoe Franse diplomaten en inlichtingendiensten onder druk werden gezet. Ook zouden rapporten gemanipuleerd zijn. Deze rapporten gaan over het overlevingsvermogen van het Assad-regime, en over de nasleep van de chemische aanval van het Syrische leger op de regio Ghouta in augustus 2013.

Over het laatste zou president François Hollande aantal opmerkelijke besluiten hebben genomen. Volgens Al-Akhhbar probeerde Hollande "samenvattingen van een aantal voorgaande externe veiligheidsrapporten en militaire intelligentierapporten over de chemische aanval op de Syrische regio Ghouta” minder relevant te maken.

Op dat moment mobiliseerde de Franse president internationale steun voor een militaire aanval op de degenen achter de chemische aanval en die onschuldige mensen hebben “vergiftigd”. Het boek stelt vast dat aan de conclusie van het bijbehorende rapport zo was 'bijgeknipt' door de minister van Defensie Jean-Yves Le Drain, dat het schadelijk was voor informanten.

Deze informanten hebben in eigen rapporten een aantal gevoelige vragen gesteld over gebeurtenissen, omdat ze die moeilijk konden verifiëren. Over het gebruik van zenuwgas vermeldden de rapporten dat het mogelijk is dat het zenuwgas na een klassiek bombardement van het Syrische leger lekte op een geheim laboratorium dat door rebellen was beheerd. Maar deze conclusie was “simpelweg compleet weggeredigeerd” uit de eindtekst van het rapport.

Met het rapport dat door de minister van Defensie werd gewijzigd, hoopte Hollande dichter bij het plan te komen om Syrië te bombarderen. In oktober heeft hij steun gegeven aan een veiligheidszone en een vliegverbod, voorgesteld door Turkije. Dit betekent dat een deel van het Syrisch territorium zou worden bezet.

Lees het volledige artikel op El Ahram hier. Zie hierover ook Willy Van Damme

Cristian Chesnot en George Malbrunot (2014) Le chemins de Damas, Le dossier noir de la relation franco-syrienne. Parijs: Laffont. 396 pagina's, 21,50 euro.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.