Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Interview

“De Oekraïne-crisis is als een schaakspel, alleen gaat het over mensen”

Boris Kagarlitsky is directeur van het 'Institute of Globalization and Social Movements', een linkse denktank in Moskou. Ludo De Brabander van Vrede vzw had een gesprek met hem over de diepere oorzaken van de crisis in Oekraïne.
dinsdag 7 oktober 2014

Sinds de jaren 1980 laat Kagarlitsky zich gelden als een politiek dissident die zowel in de Sovjet- als in de post-Sovjetperiode geregeld in aanvaring komt met de autoriteiten. Hij heeft een aantal boeken op zijn naam staan en hij schrijft voor verschillende internationale magazines en websites. 

Wat zijn volgens jou de oorzaken van de Oekraïne-crisis?

"Er zijn verschillende oorzaken, maar er is een belangrijk historische achtergrond. Oekraïne is het product van de revolutie van 1917. Het kreeg zijn huidige grenzen als onderdeel van de Sovjet-Unie. In het vraagstuk van de nationaliteitenkwestie ging men uit van de idee dat elke natie in de Sovjet-Unie een republiek moest krijgen."

"Dat is algemeen geweten. Minder bekend is dat Oekraïne ook gecreëerd werd als een economische eenheid binnen het Sovjet-planningssysteem. Het was ontworpen om tegemoet te komen aan de materiële productiebehoeften van de gehele Sovjet-Unie, van bijvoorbeeld staal en landbouwproducten."

"Veel mensen vragen zich vandaag af waarom het schiereiland de Krim in 1954 bij Oekraïne werd gevoegd, want historisch gezien had de Krim niets met Oekraïne te maken. Maar vanuit het oogpunt van het Sovjet-planningssysteem, moesten het geïndustrialiseerde oosten van Oekraïne en het agrarische westen, verbonden worden met de zuidelijke havens in de Krim."

"De beslissing om de Krim bij Oekraïne te voegen was dus niet gebaseerd op etnische of nationale criteria, maar werd gemaakt op basis van een gepland economisch management. De Krim werd aangesloten op het spoorwegnetwerk, het energiesysteem en de waterbevoorrading van Oekraïne. De verschillende delen van Oekraïne zijn dus bij elkaar gevoegd volgens de behoeften van de economische planeconomie in de Sovjet-Unie." 

Wat is er vandaag van die economische afhankelijkheid geworden?

"Toen de Sovjet-Unie in 1991 uit elkaar viel, zorgde dat ook voor de economische desintegratie van Oekraïne. De Oekraïense industrie, die ontworpen was als onderdeel en in functie van de Sovjet-Unie, geraakte in moeilijkheden. Ook de landbouwgebieden in het westen van Oekraïne hadden veel meer moeite om hun producten af te zetten nu de Sovjet-Unie verdwenen was."

"Er werd gezocht naar een grotere markttoegang in het Europese westen. In de Sovjettijd was er een grote economische, sociale en culturele interactie tussen West-Oekraïne en Oost-Oekraïne. In de post-Sovjetperiode vielen deze banden bijna helemaal weg. Het liberale marktsysteem vergrootte de bestaande contradicties binnen de maatschappij."

"Oost en West werden als het ware twee aparte delen. Er ontstond post-1990 een enorm werkloosheidsprobleem, vooral in de landbouwstreek in het westen van het land, waar de productie volledig vernietigd werd door de vrije markt. Er was ook geen welvaartsstaat meer om deze mensen te ondersteunen."

"Er leeft een hele generatie jongeren in West-Oekraïne die nog nooit een baan hebben gehad. De bevolking is afhankelijk van lokale solidariteit, familienetwerken, maar ook van cliëntelistische politieke relaties om te overleven. Het oosten van het land is er iets beter aan toe, maar slechts tot op een bepaalde hoogte."

"Terwijl Rusland dankzij zijn grote voorraden grondstoffen inmiddels een plaats heeft verworven in de mondiale economie, kon Oekraïne enkel terugvallen op staal. Zonder grote investeringen kon Oekraïne alleen een bepaalde competitiviteit handhaven door de lonen erg laag te houden. In elk geval ontstond er in Oekraïne een contrast tussen de gemarginaliseerde bevolking in het westen en de uitgebuite arbeiders in het oosten van het land."

"In het centrum ligt Kiev, de hoofdstad, waar geen productiecapaciteit bestaat. Daar wonen de oligarchen, de eigenaars van de fabrieken in het oosten, die de economie en de politiek domineren. Deze politiek-economische elite leeft van de distributie van natuurlijke rijkdommen en van de productie uit het oosten naar de wereldmarkt." 

"Het conflict tussen Oost en West in Oekraïne, wordt in het Westen vaak gepresenteerd als van etnisch-culturele oorsprong – een conflict tussen de mensen in het oosten die Russisch spreken en de mensen in het westen die Oekraïens spreken. Dat is nonsens. Het hoofdelement in het conflict is de macht in Kiev."

"De politiek-economische elite van Oekraïne is zo goed als volledig Russischtalig. Kiev, waar de nieuwe Oekraïense regering zetelt, is Russischtalig. Je vindt er amper iemand die Oekraïens spreekt, behalve de werklozen uit de provincies die naar de hoofdstad trokken voor een job en er uitgebuit worden."

"De inzet van de strijd met de rebellen uit het oosten van het land is voor de machthebbers in Kiev het behoud van de economische en politieke controle over dat gebied. De Russischtalige elites konden daarvoor de hulp inroepen van de gemarginaliseerde bevolking uit het westen, door ervoor te zorgen dat de algemene ontevredenheid van deze mensen over hun levensomstandigheden gericht werd tegen de arbeiders uit het oosten."

"De oligarchische elite trok uiteraard wel de culturele kaart (in het bijzonder wijzend op de taalverschillen) om die gemarginaliseerde bevolking te mobiliseren. Het is een verdeel-en-heersstrategie." 

Zijn de oligarchen van Oekraïne, te vergelijken met de Russische oligarchen?  

"In Oekraïne heeft de elite een erg smalle economische basis. Als je Oekraïne met Rusland vergelijkt, dan zie je dat de oligarchen in beide landen de economie controleren, maar in Oekraïne gaat het over een zeer klein aantal mensen en ondernemingen. Je kan ze gemakkelijk allemaal bij naam noemen. Hooguit een 20 tot 30-tal mensen."

"In Rusland – dat natuurlijk wel veel groter is – gaat het over 200 tot 300 mensen. De middelen van de Oekraïense oligarchen zijn echter veel beperkter dan in Rusland. Dat uitte zich in verschillen tussen beide landen in de politiek. Na een machtsstrijd van de oligarchen in de jaren 1990, kwam in Rusland Poetin aan de macht."

"Men stelt hem voor als 'dé sterke leider', maar hij is eerder een erg competente intermediair die de belangen van de verschillende groepen van oligarchen in balans houdt en handhaaft. Hij luistert naar hen en probeert ervoor te zorgen dat iedereen in meer of mindere mate tevreden is. En als er voldoende middelen zijn, kan hij er zelfs voor zorgen dat de bevolking niet geheel ontevreden is."

"De levensstandaard in Rusland is veel hoger dan in Oekraïne. Wat jullie in het Westen een autoritair regime van één man noemen, is in werkelijkheid veeleer een politiek gebaseerd op een permanent onderhandeld compromis onder de elite. Daar ligt de belangrijkste taak van Poetin. Er is in Rusland weinig open debat of confrontatie. Alles speelt zich af achter de schermen."

"In Oekraïne staat de staat erg zwak en beschikt over veel minder middelen. Daardoor is Oekraïne geëvolueerd tot een oligarchische democratie, waarin de verschillende oligarchische clans elkaar voortdurend bevechten om de controle over de bestaande openbare middelen, of een groter deel ervan."

"Daarom is het politieke systeem in Oekraïne erg turbulent. Elke keer als er verkiezingen zijn of als een conflict op de voorgrond treedt, dan zullen de groepen die zich in een zwakkere positie bevinden, de bevolking proberen mobiliseren om druk uit te oefenen op diegenen die op dat ogenblik aan de macht zijn. Met de hoge werkloosheidsgraad is het vrij gemakkelijk om de gefrustreerde mensen op straat te krijgen. Oekraïne is extreem onstabiel, maar tot nog toe lukte het de elite om na elke crisis tot een of andere overeenkomst te komen."

Wat deze keer niet meer lukte?

"De laatste economische crisis sneed veel dieper dan anders. De discussie rond het Europese Associatie-akkoord was slechts een voorwendsel. Oekraïne ging richting bankroet en president Janoekovitsj riep de hulp in van Rusland."

"De EU wilde een Associatie-akkoord opleggen dat, als je de tekst leest, de doodsteek betekent voor de verouderde industrie in Oekraïne, want als je de hele industrie moet aanpassen aan de EU-normen, dan moet je ofwel vele honderden miljoenen euro investeren – een bedrag waarover Oekraïne niet beschikt en dat de EU ook niet ter beschikking zal stellen – of moet je overgaan tot sluitingen."

"Dat laatste wilden de Oekraïense industriëlen Janoekovitsj niet toelaten. De Oost-Oekraïense industrie was meer geïnteresseerd in de door Rusland voorgestelde Douane-unie – samen met Wit-Rusland en Kazachstan – dan in het Europees Associatie-akkoord."

"De ironie is dat een deel van de elite die zich later associeerde met de 'pro-Europese' protesten op het Maidanplein, ook niet erg gelukkig was met het vooruitzicht van het EU-Associatie-akkoord. Toen de snoepgoedmagnaat Porosjenko in juni dit jaar president werd, aarzelde hij zelfs om het te tekenen."

"Hij deed het wel, maar stond erop dat niet elke paragraaf zou uitgevoerd worden. Daar bestond binnen de Oekraïense elite zelfs een consensus over. Het conflict draaide dus niet rond dit akkoord, het was een voorwendsel voor een strijd tussen oligarchische clans die elkaar probeerden uit te sluiten van de veel te schaarse middelen die een machtscompromis onmogelijk maakten."

"Janoekovitsj, die voelde dat hij de steun van het Westen kwijt was, zag in dat het geen zin had om te vechten, dus verliet hij het schip. Daarop stuikte het cliëntelistische systeem dat hij onderhield in het oosten van het land, in elkaar. De relaties tussen de arbeidersbevolking en de oligarchen, desintegreerden binnen enkele weken. De arbeiders in Oost-Oekraïne die Janoekovitsj als het minste kwaad zagen, organiseerden zich omdat ze volledig aan hun lot werden overgelaten."

"De neoliberale Oekraïense elite had ondertussen een lokale coup d'etat georganiseerd met de hulp van extreem-rechts en verklaarde het land onafhankelijk. In het oosten van het land, in de steden Donetsk, Luhansk en elders, maakten mensen die tegen de nieuwe regering waren de foute inschatting dat Moskou hen net als in De Krim (dat uiteindelijk geannexeerd zou worden door Rusland) ter hulp zou schieten."

"De situatie mondde uit in een rebellie die aanvankelijk vreedzaam was. De nieuwe regering in Kiev reageerde met militair machtsvertoon. Op 2 mei 2014 vielen in Odessa tientallen doden. In Donetsk en Luhansk ontstond er een gewapende opstand tegen het centraal gezag."

"Porosjenko werd de nieuwe president in juni en zette een grootschalige gewapende aanval in tegen de opstandelingen in het oosten. Rusland steunde de opstand met voedsel en munitie. Eind augustus kregen de opstandelingen zware wapens in handen en voor zover we weten zijn dan pas Russische soldaten de grens overgestoken om de controle te verwerven aan beide kanten van de grens.

"De Russen toonden zich uiteraard ontevreden over de nieuwe regering in Oekraïne. Moskou zag de machtsgreep in Kiev als een vorm van agressie van het Westen dat zijn invloed wil vergroten in het oosten. Rusland kijkt ook met ergernis naar de voortdurende uitbreiding van de NAVO richting Russische grens. Verder vreesden de Russen dat westerse bedrijven de markten zouden inpalmen, niet alleen in Oekraïne maar ook in Rusland zelf. Aan de andere kant keek Rusland ook argwanend naar de gebeurtenissen in Donetsk en Luhansk, waar de situatie volledig uit de hand liep." 

Je zei dat de opstand in het oosten begon als een volksopstand. 

"Het is een spontane beweging met een mix van allerlei soorten mensen. Ik verbleef gedurende twee en een halve maand aan de Russische kant van de Oekraïense grens samen met activisten en leiders van de opstand."

"Aan de ene kant zijn het mensen die op sociaal vlak radicaal en progressief zijn. De meesten steunen de idee van een welvaartsstaat met een sterke publieke sector. Ze zijn voor de nationalisering van essentiële sectoren van de economie, tegen de oligarchen, enzovoort."

"Maar tegelijkertijd zijn die mensen op cultureel vlak conservatief. Velen tonen zich homofoob, dragen religieuze- en familiewaarden hoog in het vaandel, en verwerpen het 'normloze' Westen. Het grote probleem is dat er geen linkse intellectuelen zijn die deel uitmaken van deze beweging."

"De arbeidersklasse is dus op zichzelf aangewezen. Ze ontwikkelden hun eigen politieke bewegingen, zonder veel ideologische fundamenten en met contradictorische standpunten. Vooral binnen het leiderschap dat zich gevormd heeft, zitten ook Russisch-nationalistische en minder sociaal-economisch progressieve elementen." 

Waarvoor vechten ze eigenlijk?

"Wat de in opstand gekomen arbeidersbevolking eerst en vooral wil, is een welvaartsstaat. Daarover lijkt er binnen deze Oekraïense oppositie een consensus te bestaan. Dit maakt het pro-Russische aspect van deze opstand eigenlijk contradictorisch."

"Moskou is zeker niet happig op een 'Novorussiya' ('Nieuw Rusland' zoals de rebellen de Oost-Oekraïense opstandige gebieden gedoopt hebben) als buurland – met misschien wel 10 miljoen Russischtalige inwoners – gebaseerd op een totaal ander sociaal-economisch regime dan in Moskou, onder een populair leiderschap en met eigen gewapende milities."

"In Rusland kampt een groot deel van de bevolking met gelijkaardige problemen als in Oost-Oekraïne. Veel sociaal-economische eisen die in Donetsk en andere Oost-Oekraïense steden gesteld worden, zouden evengoed kunnen aanslaan in Rusland."

"De politiek van Moskou heeft dus ook iets contradictorisch. Aan de ene kant steunt het de rebellie tegen het westers-georiënteerde Kiev, aan de andere kant wil Rusland de radicale doelen van de rebellie niet gerealiseerd zien. Dat heeft gezorgd voor een push en pull-politiek." 

Zou het kunnen dat de crisis in Oekraïne gebruikt wordt door de NAVO om Rusland te treffen?

"Natuurlijk. Het gaat om het indammen van Rusland en over de toegang tot de grondstoffen en markten waarover Oekraïne beschikt ten koste van Rusland. Dat is de logica achter de westerse politiek nu. De westerse machten steunden de staatsgreep, zonder echt een duidelijke strategie te hebben. Men wist niet dat de situatie zo zou escaleren."

"Ondertussen zijn de problemen ten gevolge van de crisis veel groter dan het voordeel van de toegang tot de Oekraïense grondstoffen en markten. Volgens mij zijn de westerse elites momenteel in paniek. Ze weten niet meer wat te doen. Russische elites panikeren ook want er bevinden zich duizenden gewapende arbeiders aan de grens van hun land die tegen de oligarchieën zijn."

"En de Oekraïense elites panikeren enerzijds omdat ze het land moeten samenhouden om het oosten verder te kunnen exploiteren en anderzijds omdat ze geen duidelijke blauwdruk hebben... Nu kijken ze naar het Westen, naar de EU-leiders in Brussel. Het is alsof ze een spel spelen zonder zich af te vragen wat er vervolgens zal gebeuren. Net zoals kinderen die schaak spelen, begrijp je? Maar het probleem is dat het geen schaakspel is, maar dat het over echte mensen gaat." 

"Er wordt helemaal geen duidelijk verslag uitgebracht over wat er zich op het terrein allemaal afspeelt. Er zijn inmiddels al duizenden mensen gedood en in het oosten van Oekraïne zijn hele steden vernietigd. De infrastructuur – bruggen, fabrieken, spoorwegen – werden geviseerd."

"De regio van Lugansk is zwaar gebombardeerd, de elektriciteitscentrales werden geraakt waardoor de elektriciteit wegviel. In de stad Lugansk moesten de inwoners een hele week zonder water zien te overleven. In vergelijking met de vernietigingen door Israëlische bombardementen op Gaza is daarvan weinig in de media terug te vinden." 

Denk je dat Porosjenko verantwoordelijk is voor de militaire escalatie van de crisis in Oekraïne? 

"Wel, zolang hij president is, is hij verantwoordelijk. Ik denk niet dat hij een of ander monster is. Hij heeft gewoon helemaal geen controle over de situatie. Bijvoorbeeld, het probleem met het Oekraïense leger is dat het niet gemotiveerd is om te vechten. Het krijgt allerlei orders vanuit Kiev, dat ze moeten aanvallen, de separatisten moeten verdrijven, enzovoort, maar elke keer als de soldaten (vooral dienstplichtigen) de aanval inzetten worden ze verslagen en moeten dan op de loop gaan."

"Het enige wat ze nog kunnen doen is de steden bombarderen. Het is een combinatie van onverantwoordelijkheid en incompetentie. Trouwens, ook de rebellen zijn geen doetjes. Vaak maken ze zich schuldig aan allerlei misdaden."

"Plotseling zijn duizenden mensen in het bezit gekomen van wapens. Die worden dan evengoed gebruikt voor plunderingen, roofovervallen, persoonlijke afrekeningen, enzovoort. De vorige eerste minister van de door de opstandelingen zelf uitgeroepen 'Volksrepubliek Donetsk', Alexander Borodai, stond zijn troepen toe om voedsel te confisqueren van de boeren zonder ze te betalen. Dat werd een heel schandaal."

"Kortom aan beide kanten is men de controle verloren over de situatie, wat vooral resulteert in een enorm lijden voor de plaatselijke bevolking. Daarmee zeg ik niet dat de mensen alleen maar slachtoffers zijn. Ze zijn betrokken in het hele proces, ze vechten en organiseren zich." 

Hoe zit het met de verantwoordelijkheid van Rusland?

"In het Westen hoor je voortdurend dat Poetin voor de hele crisis verantwoordelijk is. In werkelijkheid is Poetin in dit geval voor maar weinig verantwoordelijk. Het is duidelijk dat de Oekraïense opstandelingen geen verantwoording aan hem afleggen. Poetin is in het huidige Rusland bovendien als koningin Victoria in het Groot-Brittannië van de negentiende eeuw. Victoria had haar rol, ze overlegde met de besluitvormers, maar was niet degene die de beslissingen alleen nam. Dat geldt ook voor Poetin."

"Hij formuleert beslissingen, maar hij is niet de persoon die ze op eigen houtje maakt. Rusland is geen dictatuur, maar een oligarchie. De Russische bevolking is daarover in groeiende mate gefrustreerd want het betekent ook inefficiëntie. Zo kan de rebellie in Oekraïne op veel steun rekenen bij nationalistische Russen. Zij vinden dat Poetin de opstandelingen in de steek laat door niet openlijk ten strijde te trekken tegen de door het Westen gesteunde regering in Kiev."

"Het Westen schiep het beeld van Poetin als een boosaardige keizer die het Westen haat. Maar in feite is hij de meest prowesterse politicus die in de huidige situatie mogelijk is. De Russische oligarchen en toppolitici hebben families die in groten getale in het Westen verblijven en kinderen die er studeren."

"Het Westen is met zijn sancties tegen Moskou dus bezig met de meest prowesterse regering die je je in Rusland kan inbeelden aan te vallen. Als die ooit zou vallen of verdwijnen dan krijgen we gegarandeerd een echte anti-westerse Russische regering." 

Denk je dat die sancties Rusland pijn doen? 

"Eerst en vooral, als een Rus die in Moskou leeft, verwelkom ik de sancties. De Russische industrie is er al door aan het groeien en de Russische landbouw krijgt toegang tot meer en meer markten. Vooral voor de landbouw zijn de sancties goed nieuws."

"Het is een idiote politiek die het omgekeerde effect bereikt van wat het beoogt. Ze verhinderen de toegang van westerse producten op de Russische markt en zorgen voor de ontwikkeling van de Russische industrie en landbouw die deze verloren markten nu kunnen inpalmen." 

Denk je dat er in de nabije toekomst uitzicht is op een politieke oplossing in Oekraïne?

"De crisis zal nog een hele tijd aanhouden. Het is een proces dat zich over jaren kan uitstrekken. Ik denk dat het land uiteindelijk op de een of andere manier wel opgesplitst zal worden."

"Volgens wat ik gehoord heb van de opstandelingen, willen ze Oekraïne met als hoofdstad Kiev wel behouden, maar dan zonder het westerse deel van het land. Dat zou overeenkomen met 70 à 80 procent van het grondgebied en zou hoofdzakelijk Russischsprekend zijn. Maar dat is als ze winnen natuurlijk. Of dat zal gebeuren of niet, is een ander verhaal."

Interview Ludo De Brabander 

Boris Kagarlitsky is directeur van het Institute of Globalization and Social Movements, een linkse denktank in Moskou. Dit interview werd overgenomen van het tijdschrift Vrede, editie 429 van september/oktober 2014. Overname mits toestemming van Vrede vzw.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

3 reacties

  • door Charles ouvry op dinsdag 7 oktober 2014

    En blanco blad invullen lukt best…

    als je begint met niet onzinnige stellingen zodat je flink wat krediet krijgt van een publiek dat helemaal niet vertrouwd is met de geschiedenis van de Oekraïne, laat staan met de ontwikkeling van de rebellie in het Oosten ervan. Een medewerker van Le monde Diplomatique houdt hieronder de visie van Boris Kagarlitsky over deze problematiek eventjes kort maar krachtig onder het licht: http://www.europe-solidaire.org/spip.php?article32386 En deze laatste versie strookt met heel wat feiten die ik deze zomer opgepikt heb…

    Maar Mr. Boris kent wel z’n wereld: midden augustus haalt hij aan hoe Putin z’n poppetjes herschikt: “Over several weeks the entire leadership of the Donetsk and Lugansk republics has effectively been replaced. The most momentous, and unexpected, development has been the ousting of the military leader of the militias, Igor Strelkov. In the best Soviet traditions, the announcement was couched in terms of his “transfer to other work”. The decision was made at a time when Strelkov was in Moscow, far from his troops. Strelkov’s removal from his post is an obvious act of revenge on the part of those very Kremlin forces on whom the leader of the militias had inflicted a serious political defeat in early July. Militia units, after conducting a heroic two-month defence of Slavyansk, had broken through encircling Ukrainian forces and made their way to Donetsk, where political figures linked to the Kremlin were already planning to surrender the city to the Kiev government. The arrival of the militias was accompanied by a radical purge in the structures of power. No one repressed the conspirators, but all were forced one after another to sign letters of resignation. They then left the city without excessive fuss, some of them setting off for Moscow and others for Kiev. This occurred against a background of growing political radicalisation within the movement. In August, a joint letter had been published by rank-and-file militia fighters demanding that the slogan of “social republics” that had been proclaimed in Donetsk and Lugansk should be put into effect, that the property of oligarchs should be nationalised and that reforms should be enacted in the interests of workers. The post of chair of the Supreme Soviet was taken by Boris Litvinov, a communist who had broken with the official leadership of the party. A law was adopted reversing the commercialisation of health care that had been initiated by the previous leaders, and recurrent, though somewhat timid, attempts were made at nationalisation. For their part, political specialists close to the Kremlin unleashed a campaign against Strelkov in the Russian mass media. The bitterness of the Moscow bureaucrats and their propaganda assistants is understandable: while they were sitting in their cosy offices, drawing up plans and weaving intrigues, the people at the forefront of events were making history without asking their advice. Paradoxically, it was Strelkov who did most to aid the radicalisation of the process, despite his sympathies for the pre-revolutionary monarchy and nostalgia for the Russian empire. The leader of the militias was not only famed for his honesty and openness (it is enough to recall his detailed accounts of his own difficulties and failures, accounts which contrast sharply with the propaganda from Moscow and Kiev). Strelkov’s political instincts drove him, to a large degree despite his own ideological leanings, to support social and political changes. He and his associates stressed repeatedly that they would not allow Novorossiya to be transformed into a second edition of pre-Maidan Ukraine, directly contradicting the strategy of the Kremlin, which sought precisely that. Unlike other Donetsk and Lugansk leaders, who travelled constantly to Moscow to beg for assistance (for the most part in vain), the commander of the militias was to be found with his troops in the line of battle. There, as practice showed, it was safer for him politically than in the Moscow corridors of power. How Strelkov was lured to Moscow, and what was done to him there in order to extract from him his “voluntary” resignation (if in fact he signed such a statement at all), we can only guess. He may have been threatened with a complete halt to Russian supplies to the liberated territories of Novorossiya. To a substantial degree, this dependency of the people’s republics on outside supplies is a result of inept management by the people whom Strelkov removed from their posts in July and early August – they were unable, or refused, to organise the economy in the rear, and to ensure the normal distribution of resources. By August a situation had arisen in which the republics were threatened with disaster unless shipments of food and ammunition were brought from Russia. More than likely, it was this lever that was used by the Kremlin intriguers to get rid of Strelkov. One way or another, the conservative forces took their revenge, and the Donetsk military leader was removed. People suspected of links to the oligarchs were appointed to a series of key posts. In Moscow during these very days the Ukrainian politician Oleg Tsarev, representing no one and driven out of Donetsk by the militia fighters, unfurled a “new flag of Novorossiya”. For some reason this was an upside-down version of the old imperial banner, and was obviously meant as a counterbalance to the flag, dark red with a cross of St Andrew, under which the militia are fighting. The Russian press is already reporting openly on an agreement reached between the Moscow bureaucrats and the Ukrainian oligarch Rinat Akhmetov. In the best traditions of the ancien régime, the Kremlin bureaucracy has decided to sacrifice the liberated territories to its new vassal, in exchange for his services as a mediator in its relations with Kiev and prospectively, the West. At the same time, contacts are being revived between Russian and Ukrainian diplomats, and lively discussions are under way on the ultimate fate of the south-east. After the failure of its latest offensive, and faced with growing internal difficulties, Kiev might well be ready to strike a deal. The only thing the authors of this scenario have not taken into account is the thinking of the people of Novorossiya and Ukraine, along with the moods of Donetsk residents and the overall logic of a revolutionary process into which Russian society too is gradually being drawn. The militia fighters and activists who, beneath the bombs, are constructing a new state are no longer prepared to be docile agents of outside decision making, no matter where, in Moscow or Kiev, the decisions alien to their interests are being taken. In Novorossiya, the idealistic sympathies with an abstract Russia that characterised the first months of the uprising are now being replaced by a growing hatred for the Kremlin bureaucrats, whom supporters of the republics accuse of sabotage and treason. The same moods are growing, in the fashion of an avalanche, within Russia itself. As for Igor Strelkov, a new group of field commanders is taking his place, in many ways accepting him as an example but differing from him in their far more radical and left-wing views. Through apparatus intrigues, blackmail and manipulation, it may be possible to achieve tactical successes, and to banish one or another figure from the leadership. But it will not be possible to stop the revolutionary crisis whose development is now gathering strength.”

    Zelf hou ik het erbij dat in Poetins geest het “onderhandelingsseizoen” aangebroken was en deze “internationale strijders” moesten vervangen worden door salonfähig volk van eigen bodem waarmee je aan tafel kon gaan zitten zonder in affronten te vallen...

    Kagarlitsky blijft al bij al een intrigerende figuur die hier in dit interview een “links” discours brengt maar die volgens de auteur van onderstaand stuk dit net als opdracht krijgt van Putin… We kunnen het natuurlijk ook eens aan Frank Creyelman (Vlaams Blok) vragen die in dit stukje voorkomt: http://anton-shekhovtsov.blogspot.co.uk/2014/09/boris-kagarlitsky-kremlins-mole-in.html

    Hij zal ons dan ook wel kunnen verklaren waarom, in tegenstelling tot al het “sociale” dat Boris naar voor schuift, vrijwel alles wat in Oost-Oekraïne beslist wordt een donkerbruine stempel draagt...

    • door Marc Haertjens op woensdag 8 oktober 2014

      Hoewel ver van een Oekraïne-deskundige, ben ik toch ook geen geheel onbeschreven blad. Integendeel, eerder een blad volgekrabbeld met fragmentarische indrukken, bijeengesprokkeld uit zo divers mogelijke inlichtingenbronnen (Mainstream-media, geschiedkundige bronnen, maar ook bv. Indische en Chinese krantenartikels, altijd verfrissend) die ik geconsulteerd heb sinds de uitbraak van de Oekraïne-'crisis'. En die ik niet tot een zinvol geheel gerangschikt krijg. Trouwens ook zonder de ambitie om een Oekraïne-deskundige te worden, ik vorm mij alleen graag een eigen idee over wat er zoal in de wereld gebeurt. Zonder het daarom direct als de grote waarheid te aanvaarden (dat doe ik nooit, ik geloof zo niet in Grote Waarheden), vond ik het artikel van Kagarlitsky best instructief. Een voeten-op-de-grond analyse van de situatie die voorbijgaat aan het verouderde rechts-links denken, een kat een kat noemt (het zijn oligarchen en industriëlen die de wereld uit eigenbelang besturen, geen ideologische politiekers, en zelfs zij weten eigenlijk niet waar zij mee bezig zijn, met alle dramatische en onvoorspelbare gevolgen van dien). Uw reactie was daarbij een koude douche: zonder één inhoudelijk argument de persoon Kagarlitsky aanvallen (de man, niet de bal), hem ervan beschuldigen een KGB-er, (s)pion van Poutin en extreem-rechts provocateur te zijn. Zich daarbij beroepend op een artikel van 'Le Monde Diplomatique' (niet meteen de meest waardevrije pers) en een blog van een mij compleet onbekende Rus, die duidelijk banden heeft met het Britse dinosaurus-communisme. Bronnen die ook niet meer doen dan onvoldoende gestaafde verdachtmakingen fulmineren. Bovendien vat ik ook niet echt wat jij, en de door jou geciteerde artikelen, nu willen aantonen. Dat alles wel degelijk exclusief de schuld is van Poutin? Sorry, daar heb ik DeWereldMorgen niet voor nodig, dat lees en hoor ik alle dagen in de mainstreammedia. Neen, laat Kagarlitsky dan maar een extreem-rechtse, pro-Poutin KGB-er zijn, zijn analyse is echt wel waardevoller om de krabbels op mijn overvolle blad wat te ordenen.

  • door lbergen op donderdag 9 oktober 2014

    Na de puur anti-Amerikaanse en bij uitbreiding anti-westerse opiniëring over het conflict in Oekraïne, dan uiteindelijk toch een bijdrage waarbij de Oekraïeners zelf wat worden betrokken. Boris Kagarlitsky doet zijn best om het wat te “duiden” , maar helaas (of niet toevallig ?) begint hij dat met de Russische revolutie. Hij is een Rus en kan dat niet weg steken, en dat is natuurlijk zijn goed recht. Behalve wat de Krim betreft, probeert hij er, naar oude sovjet traditie, een “malgré nous” verhaal van te maken. De industrialisatie en de bijhorende Russificatie van het Oosten is een proces dat al werd ingezet onder de Tsaren en gewoon voortgezet door de sovjets. Met een zin als “In de Sovjettijd was er een grote economische, sociale en culturele interactie tussen West-Oekraïne en Oost-Oekraïne. In de post-Sovjetperiode vielen deze banden bijna helemaal weg.” Voelt men de wind waaien. Graag had ik een paar voorbeelden van deze sociaal-culturele interactie gelezen, waarbij men zich dan nog moet afvragen of er een andere keuze was ? (Siberië misschien ?). Maar goed, hier en daar weet hij sommige verhalen te nuanceren en geeft hij grif toe dat Rusland wel degelijk en actief betrokken is bij de strijd Er circuleren op internet kaarten van de opdeling van Oekraïne (helaas kan ik er geen plaatsen op deze repliek) in een Oekraïense en Novorussische republiek, waarbij, wat dacht je, de beste brokken naar Novorussia gaan en de agrarische restzone van Oekraïne volledig afgesloten wordt van de zee. Of hoe het Russisch imperialisme onverminderd zijn gang gaat, weze het onder de Tsaren, de Sovjets of nu met de Putin-nomenclatura. (Kagarlitsky vindt het nodig om van deze laatste wat afstand te nemen door ze als te mijden oligarchische clans te presenteren die de touwtjes in handen hebben, wederom zijn goed recht natuurlijk.) Ook nergens een spoor van het felle en extreme nationalisme bij beide partijen. Hij beseft wellicht dat het moeilijk is de Oekraïeners te veroordelen in deze en de Russen buiten schot te laten. Het conflict heeft overigens in Oekraïne gezorgd voor een soort “nationaal reveil”, zelfs in de gebieden waar Kagarlitsky het wellicht niet vermoed. Zolang het oorspronkelijk zootje ongeregeld in het Oosten de dienst uitmaakte was de enige optie voor de Oekraiënse strijdmachten, wel ja, naar Sovjet-gewoonte, er zo vlug mogelijk met militaire middelen een eind aan te maken. Door de Russische interventie is dat net niet gelukt en zullen de Oekraïeners het niet halen. (het Oekraïens leger heeft niet de gesofistikeerde wapens die de “rebellen” meer en meer beginnen te gebruiken, ondanks de afgesproken wapenstilstand.) Ik voorspel zelfs dat wat hij “van horen zeggen” heeft van de “rebellen”, mettertijd zal gebeuren. Nu nog een onverdachte bron die ook eens de kant van gewone Oekraïener belicht, zonder lippendienst aan de propaganda van een grootmacht. Het staat in de sterren geschreven dat de Oekraïeners sowieso zullen dansen. Hun probleem is dat niemand hen vrij laat kiezen naar welke pijpen ze dat eigenlijk zouden willen.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties