Meer dan ooit heeft de wereld nood aan onafhankelijke journalistiek.

Meer dan ooit is het nodig om een tegengeluid te laten horen.

Steun daarom DeWereldMorgen.be

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

“Ge moogt de kracht van het lied nooit onderschatten”

Met hun sociale jukebox wekken Hans Mortelmans en Jokke Schreurs de geest van Woody Guthrie weer tot leven. Een bericht over gitaren die hele en halve fascisten tackelen, oude kromme mannekes die op tafels klauteren en volksverheffing-met-de-glimlach.
maandag 23 juni 2014

Een zaterdagavond in juni, de klok flirt met middernacht, en in de tent van The Celtic Art Gallery in het Limburgse vlekje Ham, in de schaduw van de schoorstenen van Tessenderloo Chemie en op wandelafstand van Wouter Bekecity Leopoldsburg, hebben Jokke Schreurs en Hans Mortelmans net het orgelpunt van hun bijna drie uur durend sociale jukebox ingezet.

Het bisnummer is een herwerking en vertaling van een nummer van Woody Guthrie, oervader aller protestzangers, over gesyndiceerde vrouwen. Het refrein, een vrolijke oorwurm, gaat als volgt: ‘Ge maakt mij niet bang, ik ben bij de vakbond, ik ben bij de vakbond, ik ben bij de vakbond. Ge maakt mij niet bang, ik ben bij de vakbond, tot mijne laatste adem, bij ’t vakverbo-o-o-o-o-nd.’

De geplamuurde madam naast mij hijst haar glas wijn en loeit met een geestdriftig gezicht mee. Haar vriendin tamboert met twee vuisten woest op tafel alsof ze met de directie van Delhaize aan de tafel zit en haar argumenten kracht wil bijzetten. Een paar uur eerder hoorden we beiden nog kakelen over de zomercollectie van H&M: het klinkt onwaarschijnlijk, maar het is zo waar als we het noteren.

De twee dames zijn geen uitzondering. Overal om ons heen veren nu mensen recht, de laatste van wie je het verwacht het eerst. Aan de andere kant van de tent, onder de affiche voor het plaatselijke folkfestival, klautert een oud, krom manneke, alle protest van zijn eega ten spijt, op een tafel. Schreurs en Mortelmans spelen als een koppel kruidige vuurpijlen, de tent zorgt voor het klappen en juicht: ‘t is juist wat ze zingen.

We wrijven ons de ogen uit. Is dit nu de regio waar de slippendragers van Voka stemmen binnenrijven met hetzelfde gemak als de puisterige puber dat doen met paninistickers van het WK voetbal in Brazilië? Het toont nog maar eens aan dat Jan Cap, de legendarische delegee van Boelwerf Temse, zich niet vergiste toen hij pessimistische werkmakkers inpeperde: ‘Ge moogt de kracht van het lied nooit onderschatten.’

Volksverheffing

Het concept van de sociale jukebox is uniek: het publiek vraagt geen songs aan maar thema’s die op het armzalig kopietje staan dat het bij het binnenkomen in hun handen kreeg gestopt. Daar spelen de twee ‘spelemannen’, zoals ze zichzelf in hun voorstellingsnummer noemen, dan een nummer over: een cover, een halve cover, een vertaling of een eigen creatie.

Zijn vanavond de revue gepasseerd: GAS-boetes (ofte ‘de restauratie van de moraal’), de Vlaamse kwestie, mobiliteit, loon-naar-werk, schone kleren, oorlog, allochtonen, stakingen, vermogensbelasting, mini-jobs, de loonhandicap, milieu, ziekteverzekering, ondernemen, working poor, minnelijke schikkingen (voor de aanzienlijken en voor het volk) en we vergeten er zo nog wel een paar.

Ook het publiek mag meedoen, want tussen die verzoeken door dagen Mortelmans en Schreurs alleman uit copla’s te fabriceren op de tonen van Stadscoupletten van de Antwerpse volkszanger Wannes Vande Velde. Copla’s zijn zoiets als haiku’s maar dan plezanter, verspreid over zeven regels en telkens naar een conclusie toewerkend. Wie iets uit zijn mouw schudt krijgt een micro onder zijn neus geduwd.

De inspiratie des volks levert pareltjes op. Ook in het Limburgs, ook onder de schoorstenen van Tessenderloo Chemie, jazeker. Over het pensioenvraagstuk komt bijvoorbeeld het volgende uit de bus: ‘Ik mag nu bijna met pensioen. Ik ben nu bijna zesentachtig, en dan moogt ge met pensioen. Maar zijt gerust, 'k ga ondertussen, links en rechts zo nog wat klussen. Dat is wat ne mens moet doen. Ge komt niet rond met uw pensioen.’

Of wat dacht u over deze copla rond de vraag naar de werkelijke bestuurder van dit koninkrijk aan de Noordzee? Met een knipoog naar EPO-auteur Marco Van Hees:‘Onze koning heet Albert, en het is Boudewijn zijn broer niet, maar onze koning heet Albert, en wie denkt dat het Philippe is, ja, die slaat de bal wel goed mis, dit land is van de financière, de koning die heet Albert Frère.’

Zo zorgen Jokke Schreurs en Hans Mortelmans, samen met hun publiek, voor een geluid dat de soundtrack van de sociale beweging zou kunnen zijn; volkscultuur die de mensen een geweten zingt, ver weg van de platitudes van de commerce. Alsook volksverheffing-met-de-glimlach waarin de strijd het zout en de peper, de kaneel en de curry, het zoet en het bitter is.

Ons heeft de sociale jukebox een warm compres rond het hart gelegd.

PS: Overigens komen ook de voetbalfreaks aan hun trekken:

Het is groot feest in Qatar / We gaan daar sjotten voor den beker / Op 't WK voetbal in Qatar / Maar hoeveel arbeiders daar sterven, / op die verschrikkelijke werven, / dat weet ge in geen duizend jaar / Amai, 't is feest daar in Qatar.

Hans Mortelmans en Jokke Schreurs brengen hun sociale jukebox elke laatste woensdag van de maand in café Den Hopsack, Grote Pieter Potstraat 24, Antwerpen. U kan hen ook zelf uitnodigen in uw staminnee, vzw, wijkclub, volkshuis, enzovoort: jokkeschreurs@gmail.com of info@hansmortelmans.be

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.