Kris Goubert
Nieuwslijn BE -

Column Celia Ledoux: Verkiezingsdag

woensdag 28 mei 2014 18:31

Het is verkiezingsdag en we hebben nog geen
stembrief. Zoals gewoonlijk verdenk ik Olivier Maingain van kwaad opzet, zoals
wanneer ik op mijn Nederlandsonkundig stadhuis weer eens naar de groendienst
word verwezen als ik navraag doe over dienstencheques. Ik bel de bevoegd
beambte, krijg een stemnummer, memoriseer het omdat dat spannender is dan
noteren en trek naar het stembureau met één kleuter en één baby. Ze kunnen niet
vroeg genoeg leren dat hun democratische plicht veel aanschuiven in hete zon
inhoudt, zonder Walibi-attractie aan het eind.

Ik wurm ons voorbij de rijen, al belovend dat ik “juste une information” ga
halen (als opportunistisch Vlaam spreek ik Frans als het mij uitkomt). Wellicht
ziet de baby er al wat deerniswekkend uit in alle commotie, want ik mag meteen
stemmen. In het hok eist de kleuter om op de knopjes te mogen duwen, ik licht
als afleidingsmaneuver met veel pompe mijn stemkeuze toe. Blijkbaar ook met
veel stemvolume, want wanneer ik buiten kom zitten de twee Vlaamse
alternativo-bijzitters breed te grijnzen. De kleuter mag het kaartje in de
stembak duwen en zoals bij elke kiezing bekruipt me de dagdroom dat de hele
boel een charade is en de uitslag ergens tijdens een partijtje dobbelen vooraf
bepaald. Ik ga de rij met schaamrood voorbij; de eerste valse belofte vandaag
is mijn “straks schuif ik heus aan”. Dertig proteststemmen op mijn conto. Van
bejaarden dan nog.

In de speeltuin (beloofd om kleuter tot stemmen over te halen) catalogeer ik de
ouders:
Rok onder knie, brave coupe, deux-pièces= CdH
Duur haar, wet van de sterkste-filosofie over klein mannen, kinders met
polotruitjes= MR
Roepen af en toe eens op de koters en hebben iets in rekstof aan = PS. In emokleren naast de kleuters in de zandbak
bouwen (wellicht aan een betere wereld of zo) = Ecolo

Van dichterbij blijkt het gros Pools,
Italiaans of anderszins expat-hors catégorie. Het blijft wat raar dat in
Brussel de Frans-Nederlandse minderheden alleen stemmen. Alhoewel expats
officieus sterk mee het beleid bepalen en wij Brusselaars met hen collectief,
categoriek en met veel kwaad gezucht dus Geen Medelijden Hebben. Alleen
economische migranten mogen als hoogste macht zagen tegen hunnen tv.

De lol is van mijn waarzeggerij af, dus ik bel een vriendin. De ongewone
openheid over voor wie je stemt zet ook bij ons in. Ze blijkt tussen dezelfde
partijen als ik te hebben getwijfeld. Vanavond zullen we ons oprecht blij of
dik superieur aan de rest van Vlaanderen voelen.

Het gebruind van de kinderen blijkt
thuisgekomen, volgens de exit-polls en eerste uitslagen, niet de beste kleur. “’t
Is te hopen dat ze al die N-VA-stemmers eerst hun uitkering afpakken”, zegt the
Man monter, en slaat zijn gazet open. Van Brussel weet niemand iets, dit keer
omdat de stemcomputers zijn uitgevallen. Natuurlijk een wanhoopsdaad van
Maingain om onze stemmen toch maar ongeldig te krijgen. Wij zijn het al gewend
niets over Brussel te horen, maar meestal omdat VRT de hoofdstad negeert. Er
valt dit jaar echter niet te klagen over de VRT: Martine Tanghe heeft aan de cava
gezeten en zegt “hij ziet er helemaal niet blij uit”, en “daar wordt een plaat
opgezet!”.

The Man wijst me, al slaapwandelend met
baby, de affiche drie hoog bij de overburen van PTB/PvdA. (Daardoor raakten ze
wellicht niet over de kiesdrempel: alleen volk met meer geld heeft affiches op
gelijkvloers.) “Die denken ook dat ze de enige lefto’s in the village zijn”,
zegt The Man ijsberend met baby op de arm, maar wanneer de uitslagen
binnendruppelen heeft de zeer-linkserflank vier zetels in Brussel. Over onze
randstadgemeente horen we niets. We weten het toch al: MR (want rijk), FDF
(want xenofoob en paranoïde).
De volgende dag komt de zon weer op. Mijn
eerste gedachte is voor Martine Tanghe. N-VA-aanhangers zijn notoir rancuneus
en sturen bij de minste kritiek masaal hatemail. Haar inbox bezwijkt wellicht
onder het vitriool.

Andermaal toont zich dat ik in een parallelle versie van België leef: mijn
omgeving doet zwaar verslagen terwijl ergens een derde van Vlaanderen dik
content is. Iedereen kreunt onhoudbare beloftes alsof ze de dag ervoor te veel
gezopen hebben. De Antwerpse vriendin gaat als België gesplitst is Frans met
haar op spreken (tot ze een soja-, koemelk- en glutenvrij broodsmeersel moet
bestellen) en de Leuvense doet met haar mee, de andere vriendin laat Frankrijk
links liggen (wat haar zwaar zal vallen met die zeer rechtse uitslag). Een
derde vraagt zich – met mij – af wélk geweld er dan wel overwonnen is.

De Wever blijkt, zoals Siegfried Bracke zei,
weer eens gelijk te hebben; het uitstekend cv van een faculteitsprofessor is
tot aardbeienpluk opgeroepen.
Al is dat vóór een N-VA-coalitie. Het echoot in mijn oren wat een buitenlands
familielid vorige week zei: “Maar wat ga jij daarvan merken, snoes?” Misschien
niets, omdat zoveel besparingen al waren ingezet.

En misschien verandert er veel. Het is
afwachten. Europa en Brussel maken nu al het gros van mijn wetten. Maar
misschien splitst België. In welk geval we al die economische
vluchtelingen-door-Thatcherbeleid uit Vlaanderen op ons dak krijgen in de tot
Singapore-status gestegen ex-hoofdstad. En dan zullen die arme stakkers het te
stellen krijgen, met hun zelfgestemde migratiewetten. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!