Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu

Lust u zondag GGO-pap?

Uit een bevraging bij de zeven grote Vlaamse politieke partijen blijkt dat de standpunten over genetisch gewijzigde organismen (GGO’s) in de landbouw parallel lopen met de klassieke politieke tweedeling. Links is tegen, rechts is pro, of tenminste niet steeds anti.
vrijdag 23 mei 2014

DeWereldMorgen.be

Groen en Pvda trekken radicale conclusies op basis van de huidige ervaringen met GGO-teelt, terwijl CD&V, Open VLD en N-VA elk individueel dossier wetenschappelijk willen onderbouwen alvorens een beslissing te nemen. En wat vindt u?

Doorgaans bepaalt uw portemonnee waarover er zoal wordt gedebatteerd in verkiezingstijd. Meer ideologisch getinte onderwerpen raken daarbij ondergesneeuwd, zoals de vraag waar het naartoe moet met het Europees landbouwbeleid. Eén van de hete hangijzers is of we GGO’s al dan niet toelaten. Europa is over dit thema – nog maar eens – verdeeld, wat er in de praktijk op neerkomt dat onze marktt grotendeels GGO-vrij is. Dossiers worden van kastjes naar muren gestuurd en bereiken nooit het veld: besluiteloosheid troef. Het is een debat met veel gezichten, vaak verborgen achter ideologische maskers.

Afgaand op hun verkiezingsprogramma’s nemen de politieke partijen vage standpunten in, met uitzondering van Groen. In de programma’s van Open VLD en Vlaams Belang is geen spoor van GGO’s, de anderen houden het bij een summiere stelling van een of twee alinea’s. En dit terwijl het zondag toch ook over Europa gaat. De zeven partijen die in heel Vlaanderen kieslijsten vullen, beoordeelden vijf stellingen. Ze konden eveneens vrij reageren om hun score te nuanceren. Vlaams Belang en sp.a maakten geen gebruik van deze mogelijkheid.

Stellingen

Stelling 1. Vergunningen voor teelt of import van GGO’s moeten op Europees niveau worden toegekend. De lidstaten moeten de beslissing van de EU integraal overnemen en hebben niet het recht vergunde GGO’s te weren.

Helemaal eens

Eerder eens

Eerder oneens

Helemaal niet akkoord

CD&V

Open VLD

sp.a

Vlaams Belang

N-VA

Pvda

Groen

Zowel Open VLD als CD&V pleiten ervoor de beslissingsmacht in handen van Europa te leggen, zodat er voor alle landen een gelijk speelveld wordt gecreëerd. Beide partijen hebben er vertrouwen in dat Europese agentschappen zoals EFSA (de ‘European Food Safety Authority’) een onpartijdige en wetenschappelijk onderbouwde risicoanalyse kunnen doorvoeren, op basis waarvan vergunningen worden toegekend of geweigerd. CD&V legt er de nadruk op dat zowel de consument als de landbouwer steeds een individuele doordachte keuze moeten kunnen maken. Daarvoor is een duidelijke etikettering nodig en moeten GGO’s naast niet-GGO’s kunnen bestaan. Open VLD wil de mogelijkheid openhouden om in welbepaalde gevallen lokaal een vergunde teelt te weigeren als daar wetenschappelijke argumenten voor zijn.

N-VA wijst op de grote meningsverschillen bij de lidstaten omtrent GGO’s, en is voorstander van een Europees kader met ruime vrijheid voor de regio’s en lidstaten. Pvda gaat nog verder en stelt dat we alle mogelijkheden moeten benutten om GGO’s te weren. Volgens Groen zijn de Europese standaarden waaraan GGO’s dienen te voldoen ondermaats, en moeten lidstaten de lat steeds hoger kunnen leggen. Groen ziet een Europese regelgeving enkel in het kader van verbod op GGO’s: Europa moet een stevige juridische context scheppen waarop lidstaten zich kunnen beroepen om GGO’s te bannen. Ten slotte geeft Groen aan onvoldoende vertrouwen te hebben in de onafhankelijkheid van de Europese wetenschappelijke analyses.

Stelling 2. GGO’s zijn per definitie niet duurzaam. In de zoektocht naar de meest duurzame oplossing voor een bepaald probleem kunnen ze dan ook niet als alternatief in aanmerking worden genomen.

Helemaal eens

Eerder eens

Eerder oneens

Helemaal niet akkoord

Pvda

Groen

sp.a

N-VA

CD&V

Vlaams Belang

Open VLD

Groen ziet geen enkel voordeel in het gebruik van GGO’s, en wijst uitsluitend op de risico’s. GGO’s zijn geen antwoord op het mondiaal voedselprobleem of het pesticidengebruik, en ze worden door de partij gezien als een bedreiging voor onze ecosystemen en de wereldvoedselvoorziening. Pvda zit in hetzelfde kamp, en meent dat GGO’s de “ecologische samenhang miskennen tussen plant, bodem, micro-organismen, omgeving …”.

Zowel CD&V als Open VLD verdedigen het potentieel van GGO’s om in welbepaalde gevallen een duurzaam alternatief te bieden. Beide partijen halen het voorbeeld aan van de Phytophthora- resistente aardappel, en in tegenstelling tot Groen geloven zij dat GGO’s het pesticidenverbruik kunnen verminderen. Open VLD koppelt het duurzaam karakter van een gewas los van de technologie waarmee de veredeling werd bekomen. N-VA wijst op de sociale, economische en ecologische component van duurzaamheid, en op de noodzakelijkheid van een strenge milieuwetgeving, maar sluit de teelt en import van GGO’s niet a priori uit.

Stelling 3. Plantenveredeling wordt niet enkel via gentechnologie gerealiseerd. Voor gezondheid en milieu moeten alle nieuwe plantenvariëteiten aan dezelfde strenge regels voor goedkeuring en gebruik worden onderworpen als GGO’s.

Helemaal eens

Eerder eens

Eerder oneens

Helemaal niet akkoord

Vlaams Belang

sp.a

Pvda

Open VLD

CD&V

N-VA

Groen

Hierover lijken bijna alle partijen het roerend eens: GGO’s moeten strenger worden beoordeeld dan plantenrassen die via andere methoden werden veredeld. Nochtans moet het ‘eerder oneens’-antwoord van CD&V en Open VLD genuanceerd worden, omdat het hun argumentatie tegenspreekt.

Open VLD wil plantenvariëteiten evalueren op basis van de nieuwe kenmerken van de plant, onafhankelijk van de manier waarop ze werden bekomen. Voor CD&V hoeven niet alle plantenveredelingstechnieken op die strenge manier worden beoordeeld “als bewezen is dat ze veilig zijn”. De facto zijn beide partijen het eigenlijk eens met de stelling, en vinden ze dat alle veredelde gewassen via dezelfde principes moeten gekeurd worden.

Ook het antwoord van Pvda, Groen en N-VA roept vragen op. Zij refereren aan de methode van kruisen die al duizenden jaren wordt toegepast, en dus proefondervindelijk veilig kan genoemd worden. Ze gaan echter voorbij aan de techniek van klassieke mutagenese, waarbij zaden of plantendelen worden behandeld met chemicaliën of ioniserende straling om at random wijzigingen in het DNA te krijgen.

Hierbij wordt met hagel geschoten voor een bepaalde wijziging, met een grotere kans op onbedoelde neveneffecten dan bij meer gerichte gentechnologie. Vooralsnog vallen zulke gewassen onder het kwekersrecht, en zo ontsnappen ze aan de strenge GGO-reglementering. Opmerkelijk in dit verband is de bewering van Groen: “We passen echter voor biotechnologie die nieuwe plantenvariëteiten ontwikkelt op basis van patenteerbare processen die gerichte genetische wijzigingen aan planten aanbrengen”. Zo laat de partij in het midden of ze een probleem maakt van ongecontroleerde DNA-modificaties.

Stelling 4. Het gebruik van GGO’s leidt soms tot sociale drama’s: boeren worden voor hun zaad afhankelijk van de agro-industrie, of worden verleid tot het verbouwen van monocultuur. Dit is een probleem van verkeerd gebruik en eigendomsrechten van GGO’s. Als we om die reden GGO’s verbieden, gooien we het kind met het badwater weg.

Helemaal eens

Eerder eens

Eerder oneens

Helemaal niet akkoord

CD&V

Open VLD

N-VA

Vlaams Belang

sp.a

Pvda

Groen

Groen argumenteert dat het gebruik van GGO’s de impact op de individuele landbouwer overstijgt, wat de sociale gevolgen veel grootschaliger maakt. Indien ze niet veilig blijken, zullen GGO’s onze ecosystemen ontwrichten en onze voedselvoorziening in het gedrang brengen.

Volgens Pvda zorgen eigendomsrechten ervoor dat “volwaardige agro-ecologische alternatieven geen kans krijgen door de winsthonger van multinationals”, De partij zegt er niet bij hoe dat in zijn werk gaat, gesteld dat de alternatieven waarvan sprake inderdaad evenwaardig zijn. Pvda wijst er verder op dat het gebruik van GGO’s niet enkel leidt tot monocultuur, maar vaak gekoppeld is aan het verplicht toepassen van bepaalde pesticiden en kunstmest, wat op zich al “meer dan voldoende reden is om GGO’s te verbieden”.

Alle andere partijen zijn het erover eens dat zaadmonopolies geen inherent probleem zijn van GGO’s. Open VLD argumenteert dat Europese boeren nu al hun zaai- en plantgoed kopen bij zaadhandelaars vanwege de gecontroleerde kwaliteit. De partij haalt de Indiase katoenboeren aan om te duiden dat voorbeelden van sociale drama’s vaak ten onrechte door tegenstanders van GGO’s worden aangevoerd. N-VA wil er wel op toezien dat patentmonopolies geen landbouwsamenlevingen ontwrichten, maar erkent dat dit geen probleem is van GGO’s alleen.

Stelling 5. NIMBY: we willen in Europa geen GGO-teelt toelaten omwille van de ecologische impact. Als andere landen dit risico willen lopen, hebben we er geen probleem mee hun producten in te voeren, gesteld dat ze de aan EU-normen voor voedselveiligheid voldoen.

Helemaal eens

Eerder eens

Eerder oneens

Helemaal niet akkoord

Open VLD

Vlaams Belang

sp.a

Pvda

N-VA

Groen

CD&V

Hoewel geen enkele partij deze bewering aanhangt, is dit de huidige praktijk in Europa. Open VLD stelt vast dat er momenteel 57 GGO’s werden vergund voor import, maar slechts 1 voor teelt. De partij vraagt zich af hoe de competitiviteit van onze landbouwers beïnvloed wordt doordat ze gewassen met een verbeterde productiviteit en een positief effect op het milieu niet zelf kunnen verbouwen.

Groen draait de redenering om en pleit voor een stopzetting van de import van GGO’s, net omdat de productie in landen als Brazilië, Argentinië en de VS niet aan dezelfde milieuregels is onderworpen als in Europa. Voor CD&V en N-VA moeten geïmporteerde GGO’s aan dezelfde strenge milieunormen voldoen als die we zelf verbouwen, en is dit een kwestie van consequent beleid. Pvda hekelt de GGO-teelt als één van de hoofdverantwoordelijken voor het klimaatprobleem, en pleit ervoor deze wereldwijd aan banden te leggen.

Links-rechts

Het valt op dat de traditioneel linkse partijen bij elke stelling aan dezelfde kant staan. Uit de argumentatie van Groen en Pvda komt naar voor dat zij reeds hun conclusies hebben getrokken uit de huidige praktijk: ze zijn radicaal tegen GGO’s, en staan niet open voor argumenten pro. Ook sp.a pleit er in haar programma voor de “traditionele terughoudendheid van Europa te handhaven”.

De standpunten van CD&V en Open VLD zijn gelijklopend. Op basis van hun reacties zijn ze niet per se voor het gebruik van GGO’s, maar ook niet a priori tegen. Ze houden ruimte en baseren hun conclusies op wetenschappelijke argumenten. Ze hebben vertrouwen in Europese instellingen, zoals EFSA, om GGO-dossiers correct te onderbouwen. Die visie wordt grotendeels gevolgd door N-VA, al legt die meer nadruk op de onafhankelijkheid van de lidstaten en zet zo de deur op een kier om Europese beslissingen alsnog te omzeilen. De beweegredenen van Vlaams Belang zijn minder helder, omdat de partij haar antwoorden niet heeft gestaafd en in haar verkiezingsprogramma het onderwerp niet aansnijdt.

Technologische leeuw vs. biologische haan

De veelgehoorde notie dat Vlaanderen voor en Wallonië tegen GGO’s is, verklaart niet volledig waarom België zich soms onthoudt bij de Europese besluitvormig. Ook aan dezelfde kant van de taalgrens zijn de tegenstellingen groot. De meeste verkiezingsprogramma’s aan Franstalige kant hullen zich in stilzwijgen wanneer het aankomt op GGO’s. Dit geeft aan dat het thema onbelangrijk wordt gevonden. Ecolo en Groen zijn bloedbroeders, in tegenstelling tot CD&V en cdH. Zowel Ecolo als cdH zijn prominente voorvechters van een GGO-vrij Brussel en Wallonië, terwijl CD&V in haar verkiezingsprogramma opneemt dat “Vlaanderen en Europa zich ervoor moeten hoeden een blinde vlek in de wereld te worden voor nieuwe technologieën die om louter principiële redenen geen enkele kans zouden krijgen”.

Vlaamse consensus

Op één punt lijkt overeenstemming te bestaan over de ideologieën heen, namelijk dat GGO’s herkenbaar moeten zijn: de keuzevrijheid van consument en producent staan voorop. Daarvoor is onder meer een correcte etikettering nodig, die op zich ook vatbaar is voor discussie. Op 25 mei is er vooralsnog geen probleem: dan krijgt u keurig opgestelde lijstjes voorgeschoteld met een duidelijk etiket van alle kandidaten. Hopelijk is hun inhoud nu ook wat transparanter.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

Eén reactie

  • door Johan De Schacht op vrijdag 23 mei 2014

    Zoals ik al meerdere keren heb aangehaald: de introductie van ggo's in landbouw is louter een weerspiegeling van onze westerse samenleving:

    1. het onderzoek naar, de technologie van en de ontwikkeling van ggo's in de landbouw maken het energie-rendement in de landbouw nog negatiever dan het al is. De energie-input ervoor staat absoluut niet in verhouding tot de productieverhoging. Deze tendens is typerend voor alle activiteiten van onze (westerse) maatschappij. 2. Land-grabbing of, via bedenkrijke transacties, miljoenen ha vruchtbare grond stelen in andere continenten door overheden, banken en beleggers drijft op biotechnologie. Alleen ggo's maken dergelijke grootschaligheid mogelijk. De productie komt zo goed als uitsluitend ten goede van multinationale ondernemingen, de adel, beleggers etc. Niet alleen vergroot hierdoor de kloof tussen rijk en arm, miljoenen boeren worden gedwongen hun akkers te verlaten (Mozambique, Kenia,..) en, beroofd van hun bestaansvoorwaarde, in de armoede gedreven. 3. Zonder uitzondering is vandaag iedereen het erover eens dat ggo-teelten co-existentie onmogelijk maken. Andere landbouwtechnieken, waaronder de biologische, moeten noodgedwongen verdwijnen. Samen met de grootschalige toepassing ervan zullen ggo's in de landbouw voor een drastische verlaging van de biodiversiteit zorgen. Nu de migraties stilaan op gang komen, krijgen we een unieke kans om met diversiteit te leren leven en er de mogelijkheden van te benutten. Welnu ook hier zien we de angst van de blanke man om zijn zogenaamde privileges te verliezen en sluit hij zijn grenzen omheen zijn blanke monocultuur.

    Dat deze problematiek geen politiek debat waardig was is opnieuw het bewijs hoe weinig verbanden er nog worden gelegd en vindingrijk we zijn in het verdringen van problemen die onze, op roofbouw gebaseerde, welstand dreigen aan te tasten. Slaap zacht stemplichtige burger.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties