Analyse van een politieke campagne: N-VA.
Nieuws, Politiek, België, Ico Maly, Bart de wever, N-VA, Analyse, Verkiezingen 2012, Discours, Calimero, Vox populisme, De strategie van de angst, Dossier N-VA - Ico Maly

Calimero, vox-populisme en de angst voor N-VA

Ondanks de dominante positie van de N-VA in het politieke veld, is de Calimero-houding één van haar succesvolle retorische instrumenten. Ico Maly analyseert hoe de partij die retorische strategie tot op vandaag kan hanteren.

dinsdag 18 september 2012 14:50

Een van de retorische instrumenten in de gereedschapskist van N-VA is haar Calimero-houding. Net zoals bij het Vlaams Belang is het een cruciaal element in haar politieke strategie. Er bestaan veel varianten op, maar kort gezegd komt het er op neer dat de partij zich neerzet als anders, tegen de stroom in roeiend.

N-VA is dan een consequente en rechtlijnige partij die zich niet laat omkopen met enkele postjes maar recht voor de raap zegt waar het op staat. N-VA strijdt moedig tegen het Belgicistische establishment, tegen de linkse kerk die zich voor de kar laat spannen van de Walen en de moslimmigranten. Iedereen viseert daarom de partij en maakt hen het leven zuur, net omdat N-VA wel een ‘eigen verhaal’ heeft. Het is één tegen allen.

Calimero, vox-populisme en de perceptie van anti-establishment

Via dit retorisch strategisch kader positioneert de partij zich als een partij die geen deel uitmaakt van het beleid en er dus ook niet voor verantwoordelijk kan worden gesteld. Zij zijn geen deel van het establishment; wat fout loopt is de schuld van een ander.

De Wever en N-VA tonen zichzelf dus via deze Calimero-strategie als de partij met de schone handen, de partij die wel alles zal veranderen (als ze de absolute meerderheid heeft): als de enige ware kracht van verandering. Bovendien voelt de partij zichzelf zo ook als een onterecht slachtoffer van de elites. Deze elites willen hun postjes redden en behandelen de N-VA en zeker haar sterke voorzitter daarom onheus. Ze leveren onterechte kritiek en viseren N-VA net omdat ze een eigen verhaal heeft, een verhaal dat het postje bedreigt van de elite.

Elke kritiek op N-VA wordt bijgevolg afgedaan als kritiek ad hominem, als kritiek op de sterke persoonlijkheid van haar leider. Via dit discours positioneert De Wever zichzelf en zijn partij als de underdog, maar ook als de partij die de stem van het volk vertolkt tegen de machthebbers.

Deze ‘tegen-de-stroom’-retoriek deelt ze met alle anti-verlichtingsdenkers en extreemrechtse bewegingen. Ook het Vlaams Belang en Wilders hebben die tactiek jaren gehanteerd. Paradoxaal genoeg zijn ze allen vroeg of laat die stroom geworden: niet alleen de partijen, maar ook hun discours werd algauw de mainstream. (1) Dat is in het geval van N-VA niet anders.

Dat N-VA deze retoriek tot op vandaag gebruikt, is opmerkelijk, net omdat N-VA al lang geen kleine marginale partij meer is. Meer nog, de partij maakt zowel in Antwerpen als in Vlaanderen deel uit van de meerderheid. Deze establishment-positie helemaal ontkennen is niet alleen zinloos, het is ook een strategisch-retorisch nadeel. Immers, N-VA laat geen moment onbenut om zichzelf neer te zetten als een serieuze beleidspartij; een partij die het wel kan en niet enkel staat te roepen aan de zijlijn.

Bovendien hanteert de partij dit steevast als een argument om te bewijzen dat zij anders zijn dan het Vlaams Belang, dat zij wel democraten zijn en dat met hun nationalisme niets mis is. Meer nog, hun nationalisme is zuiver democratisch, zo gaat de retoriek. Het feit dat N-VA deel uitmaakt van de regering, krijgt een plaats in haar politieke communicatie, zonder dat de partij haar anti-establishment-discours laat varen.

En hier komen we bij een volgend element in die Calimero-strategie: een onvervalst vox-populisme. We zien een constante gelijkschakeling in het discours van De Wever en co tussen hun standpunt, hun verhaal en wat dé Vlaming wil. N-VA spreekt vanaf haar oprichting in naam van de 6 miljoen Vlamingen. De Vlamingen willen verandering en het is N-VA die de verandering politiek vertaling moet geven. Zo wil de retoriek van de partij en het is op die wil van de Vlamingen dat het Belgicistisch establishment zo angstig reageert.

Van Calimero naar de strategie van de angst

Kortom, N-VA wedt retorisch op verschillende paarden, naargelang de context waarbinnen de partij communiceert. Nu de partij ook nog eens voor-oorlogse scores van rond de 40 percent neerzet in de peilingen, is het natuurlijk bijzonder moeilijk om geloofwaardig de Calimero-rol op te nemen.

Verschillende politieke tegenstanders leggen deze strategie bovendien al bloot. Zelfs Bracke himself roept zijn partij op om zich te gedragen naar haar electoraal gewicht. De Calimero-communicatie-truc duikt sindsdien in een aangepaste variant op. Nu heet het dat net het succes van N-VA en haar electoraal gewicht de angst en de haat tegenover N-VA opwekt.

Dat betekent echter niet dat N-VA in wezen de Calimero-houding afzweert, integendeel. We illustreren het aan de hand van een interview met De Wever in De Morgen. De Wever laat er in optekenen dat er volgens hem ‘maar één meerderheid is en dat is de meerderheid tegen N-VA; niemand doet zijn mond open zonder N-VA te vernoemen: N-VA, N-VA, N-VA’ (2).

Het bestaan van die dominante ‘elite an sich’ is volgens hem de verklaring van alle kritiek die hij en zijn partij gekregen hebben in de laatste weken en maanden. Zijn eigen uitspraken, daden of programma hebben er allemaal niets mee te maken en dus moet er ook geen antwoord komen op die kritiek.

Als de journalist van De Morgen erop wijst dat die ‘een-tegen-allen’-strijd hem toch goed uitkomt, neemt De Wever meteen expliciet afstand van de Calimero-houding: “Ik zou een Calimero zijn, mocht ik hier nu een klaagzang aanheffen of mocht ik zeggen: ‘zij zijn groot en ik ben klein, en dat is niet eerlijk’. Ik zeg dat niet. Ik ben groot en zij zijn klein. En dat vinden zij waarschijnlijk niet eerlijk.” (3)

De Wever neemt expliciet afstand van de Calimero-houding. Dat is de enige manier om geloofwaardig over te komen. Een partij die bij de laatste verkiezingen 28 procent haalde, in de peilingen rond de 40 procent en deel uitmaakt van de Vlaamse regering, kan niet geloofwaardig de underdog-positie claimen. Deze expliciete ontkenning betekent echter niet dat De Wever ten gronde afstand neemt van de Calimero-strategie; door de omkering behoudt hij immers de strategisch-retorische voordelen.

Hij blijft immers het idee uitdragen dat de kiezer in wezen maar twee keuzes heeft: voor of tegen N-VA. Hij blijft de perceptie voeden dat iedereen tegen hem is, dat hij tegen de stroom in moet zwemmen: de stroom van de elite (niet van het volk: N-VA vertolkt in haar vox-populisme immers de grondstroom in Vlaanderen). Kortom, alle voordelen van de Calimero-strategie blijven behouden, terwijl de nadelen (ongeloofwaardigheid en explicietheid) vermeden zijn.

De strategie van de angst en vox-populisme

Deze retorische strategie is gebaseerd op twee centrale elementen: de angst die men heeft voor N-VA en het vox-populisme. Beide elementen worden heel duidelijk in de reactie die De Wever post op de website van N-VA, naar aanleiding van de kritiek van onder anderen Eric Van Rompuy.

Van Rompuy zei dat N-VA volgens hem de welvaart van het land bedreigt. Tergelijkertijd kwam er een de stroom van kritiek op de inlijving van vijftig gewezen Vlaams Belangers bij N-VA – en vooral dan op de toetreding van Jurgen Ceder, een gewezen topman van het Vlaams Belang, met een gewelddadige, extreemrechtse, activistische staat van dienst bij het NSV en het Vlaams Blok.

De Wever gebruikt in heel zijn column geen enkel argument, maar beroept zich slechts op twee elementen: wat de Vlaming gelooft, wil, en doet enerzijds, en anderzijds de angst die de mainstream-partijen hebben. Hij start zijn reactie als volgt: “De schrik zit er goed in. Geen dag gaat voorbij of een politieke partij voelt zich geroepen om zwaar uit te halen naar de N-VA.”(4)

Alle reacties, alle kritiek op N-VA en op haar programma worden weggewuifd als angstreacties, reacties op basis van jaloezie en angst voor de onstuitbare opmars van N-VA en dus ook op basis van de angst voor het volk; en dat, zo gaat de suggestie, is niet verstandig, want het volk, het Vlaamse volk, is wel slimmer dan dat, aldus De Wever: “Ik denk niet dat de Vlamingen je geloven, als je zelf verantwoordelijk tekent voor de hoogste belastingsdruk die dit land ooit gekend heeft en vervolgens de N-VA tracht af te schilderen als ‘een bedreiging voor onze welvaart”.

“Ik denk niet dat de Vlamingen je geloven, als je zelf er niet in slaagt om opgelegde gevangenisstraffen ook effectief te laten uitvoeren en vervolgens de N-VA verwijt ‘het bedje te spreiden voor extreemrechts’. Ik denk, kortom, niet dat de Vlamingen je geloven, als je angst tracht te zaaien, als je mensen tracht bang te maken voor de N-VA.” (4)

Kortom, N-VA geeft haar criticasters geen inhoudelijk weerwoord, maar spreekt vanuit een moral higher ground. We krijgen geen enkel argument, enkel een les in de wil en het geloof van het volk. En net omdat N-VA spreekt in naam van het volk, komt dat verhaal met de suggestie dat elke kritiek onterecht is, want ingaand tegen de wil van het volk. De Wever spreekt hier als expert in ‘de stem van het volk’.

Hij en N-VA weten wat het volk wil, wat het volk weet en wat het volk zal geloven of niet. Dat volk is niet dom; dat volk wil de verandering waar N-VA voor staat en doorziet dat de mainstream-partijen daar bang voor zijn.

Enkel aan de overloperij van de Vlaams Belangers wordt meer aandacht besteed door De Wever, maar ook hier blijft het antwoord zeer summier vergeleken bij de mediaheisa die errond woedt. De Wever reageert als volgt: “Onze partij telt intussen 34.000 leden, waaronder inderdaad een 40-tal mensen met een verleden bij het Vlaams Belang, een verleden dat ze niet ontkennen maar waarmee ze wel gebroken hebben. Net als 33.960 andere N-VA’ers willen zij meewerken aan een positief alternatief voor het beleid van de huidige Franstalige belastingsregering; een alternatief dat welzijn bouwt op welvaart: dat een sterke, betaalbare, en vooral sociale, zekerheid mogelijk maakt door mensen te belonen wanneer ze werken, sparen en ondernemen; niet door ze te pesten of plat te belasten.”

Ik denk niet dat de Vlamingen bang zijn voor zo’n alternatief. (6)

Bekijken we deze alinea in detail, dan valt de tweedeling op. Het eerste deel is een cijfermatig minimaliseren van ‘het infiltratie-probleem’. De Wever minimaliseert het gegeven door de toetreding van om en bij de vijftig gewezen mandatarissen van het Vlaams Belang gelijk te stellen met de toetreding van verschillende nieuwe leden. Uiteraard is dit een valse vergelijking; en zoals Marc Spruyt terecht opmerkt, is het ook leugenachtig. (7)

Gezien het dalend aantal leden bij het Vlaams Belang, mogen we er ook van uitgaan dat er behoorlijk wat van die ex-VB’ers ondertussen hun weg naar N-VA gevonden hebben. Meer nog, het gaat hier niet om kleine garnalen; mensen als Karim Van Overmeire en Jurgen Ceder behoren tot de voormalige top van het Vlaams Blok en Vlaams Belang. De geloofsbrieven dat zij hun oude gedachten afgezworen hebben, laten bovendien op zich wachten.

En meteen wordt overgegaan naar het ‘positief project’ van N-VA, waarvoor de Vlaams Belangers nu zouden hebben gekozen. De Vlaams Belangers zouden allemaal bekeerd en ontluisd zijn en nu volop streven voor het positief project van N-VA.

De woordkeuze is niet toevallig natuurlijk, alsof er een partij zou zijn die stelt voor een ‘negatief project’ te komen. Echter: zo wordt niet alleen het onderscheid met het Vlaams Belang nogmaals geduid, het verhaalt ook het imago dat N-VA met haar project wil oproepen, een gevoel van veiligheid, van duidelijkheid en ongevaarlijkheid. Wat volgt zijn een hele reeks verkiezings-platitudes (welvaart, welzijn, minder belastingen), om dan te besluiten dat ‘de Vlamingen niet bang zijn voor zo’n alternatief’.

Deze angst-tactiek is niet nieuw in het N-VA-repertoire; zo gebruikte Bracke hem al in 2010(8) en ook dan was het eerst Bracke die reageerde op Eric Van Rompuy’s kritiek door die te plaatsen als ‘de strategie van de angst’:
“Het maakt in elk geval duidelijk dat vanaf nu de strategie van de angst zal worden gebruikt. Luc Van der Kelen en nog veel andere politici dreigen, in het spoor van Elio Di Rupo, met chaos en anarchie. Of die strategie werkt, valt niet te zeggen. Maar ze is wel kennelijk de ultieme recours.” (9)

Ook Bracke gaat niet in debat met Van Rompuy. Ook hij baseert zich op de ‘autoriteit’ van de stem van het volk. De kritiek op N-VA moet niet serieus genomen worden: dat is de impliciete boodschap van Bracke. Het toont dat de andere partijen geen verhaal hebben; dat is keer op keer de onderliggende boodschap.

“Wie daar (tegen de plannen van De Wever; IM) alleen een duur BHV-compromis tegenover kan zetten, moet die mensen inderdaad zo snel mogelijk bang maken,” aldus Bracke. (10) Net door die kritiek neer te zetten als een angstreflex en een gemene strategie, moet er ook geen verantwoording afgelegd worden. Men moet niet meer in debat gaan. Men kan alle kritiek afwimpelen als ad hominem en onterecht, louter ingegeven door angst en wraakzucht.

Bracke is duidelijk: “De strategie van de angst over het einde van België of het einde van de euro lijkt – allicht bij gebrek aan een ‘eigen verhaal’ – de enige manier om het opkomende nationalisme te bezweren.” (11) Ook Theo Francken heeft zijn les geleerd: “Alles is te herleiden tot angst voor de N-VA en 14 oktober. De traditionele partijen lijken geen vat op ons te krijgen. De schrik zit er goed in want de verkiezingsuitslag van 14 oktober komt steeds dichterbij. Maar angst is een slechte raadgever.” (13)

De onstuitbare opmars van de Vlaamse natie

‘De strategie van de angst’ wordt door N-VA gebruikt om elke inhoudelijke kritiek van politieke tegenstrevers aan de kant te zetten als niet relevant, als niet terzake en dus is het ook geen inhoudelijk antwoord waardig. Die strategie is volgens N-VA niet meer dan de laatste strohalm van de Belgicistische elite waarmee ze de opmars van de Vlaamse natie tracht te fnuiken.

Dat nationalisme is echter onstuitbaar, volgens N-VA. De natie is in opmars en dat is de loop van de geschiedenis. De mensen kennen de realiteit wel. Bracke verwoordt het als volgt: “We hebben in elk geval de werkelijkheid als supporter. Mensen zijn slim. Ik voel aan alles dat ze achter ons verhaal staan.” (12)

N-VA is dan niet de partij die opkomt voor een neoliberaal Vlaanderen, waar flexibilisering, een mondiaal concurrentiemodel en ‘individuele verantwoordelijk om te slagen’, centraal staan, maar de partij die strijdt om realistisch te zijn, om te luisteren naar het volk dat de werkelijkheid echt ondervindt.

N-VA is de stem van het volk; N-VA vertolkt het verhaal van de Vlamingen; zij zijn realistisch. De anderen, de linkse en Belgicistische partijen willen hun ideologie en postjes in stand houden en daarom geven ze zoveel kritiek. Duidelijk wordt dus dat N-VA zich steevast beroept op een Calimero-strategie die gekoppeld wordt aan een vox-populisme. N-VA is het volk en komt op voor het volk en daar is men bang voor.

Ico Maly

Ico Maly is coördinator van Kif Kif. Onder zijn redactie verscheen eerder ‘Cultu(u)rENpolitiek’, dat in 2008 De Groene Waterman Publieksprijs won. Hij schreef ook ‘De beschavingsmachine’ (EPO, 2009). In het najaar verschijnt zijn nieuwste boek. ‘N-VA. Analyse van een politieke ideologie’ (EPO, 2012) is zijn doctoraat (Universiteit Tilburg).

Bronnen:

(1) Zie o.a. Sterhnell, Zeev, 2010: The Anti-Enlightenment tradition.

(2) De Wever, B. in De Morgen (Zeno), 7 juli 2012: Ik ben groot en zij zijn klein en dat vinden zij niet eerlijk.

(3) De Wever, B. in De Morgen (Zeno), 7 juli 2012: Ik ben groot en zij zijn klein en dat vinden zij niet eerlijk.(3) De Wever, B. 2012: Angst voor N-VA regeert: http://www.n-va.be/nieuws/column/angst-voor-de-n-va-regeert

(4) De Wever, B. 2012: Angst voor N-VA regeert:http://www.n-va.be/nieuws/column/angst-voor-de-n-va-regeert

(5) De Wever, B. 2012: Angst voor N-VA regeert:http://www.n-va.be/nieuws/column/angst-voor-de-n-va-regeert

(6) De Wever, B. 2012: Angst voor N-VA regeert: http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20120719_00228522

(7) Bracke, S. 13 juli 2012: De strategie van de angst: http://www.siegfriedbracke.be/index.php/brief-aan-koert/

(8) Bracke, S. 13 juli 2012: De strategie van de angst: http://www.siegfriedbracke.be/index.php/de-strategie-van-de-angst/

(9) Bracke, S. 13 juli 2012: De strategie van de angst: http://www.siegfriedbracke.be/index.php/de-strategie-van-de-angst/

(10) Bracke, S. 13 juli 2012: De strategie van de angst: http://www.siegfriedbracke.be/index.php/de-strategie-van-de-angst/

(11) De Standaard, 4 augustus 2012: ‘Alles is te herleiden tot angst voor de N-VA en 14 oktober.’ http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20120803_217&wo…

(12) De Standaard, 10 maart 2012 : Wellicht pakten we het fout aan in 2010.’Wat willen we? Alle politici op een leefloon?’ http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=V33N9GVN

(13) De Standaard, 4 augustus 2012: ‘Alles is te herleiden tot angst voor de N-VA en 14 oktober.’ http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20120803_217

take down
the paywall
steun ons nu!