"Dat wil niet zeggen dat ik zomaar de schuld bij onze generatie wil leggen. Het is wel een oproep om samen in strijd te gaan met de vorige generaties in de verdediging van onze sociale, economische en ecologische rechten!" (foto: Raymond Clement)
Interview, Nieuws, Economie, Samenleving, België, Jongeren, België, Vakbonden, Pensioenen, Sociale zekerheid, Jeugdwerkloosheid, Humo, Solidariteit, Generaties, Klassenstrijd, Generatiekloof, Neoliberaal beleid, Generatie Y, Staking van 30 januari, Sven Naessens - sven

Generatie Y blust Humo-brandbrief: stelling 1 ‘een strijd tussen generaties?’

Op maandag 30 januari wordt de verwarming enkele graden hoger gezet: het sociaal verzet tegen allerhande opgelegde besparingsmaatregelen kent dan zijn vervolg van de eerste actie op 2 december 2011. Humo liet hierop vier jongeren, tussen 20 en 29, aan het woord onder de titel: 'Generatie Y, de brandbrief van de twintigers'. Maar wat denken jongeren écht over wat er op het spel staat?

maandag 23 januari 2012 19:30

Het siert de jongeren die in Humo aan het woord komen dat ze een mening hebben ook al wordt deze gevormd door de theorie en moet die de toets van de realiteit nog doorstaan. Het komt allemaal neer op een strijd tussen generaties, als we hen mogen geloven toch. Alsof er dan geen jongeren zijn die anders denken?

Wij gingen op zoek naar enkele jongeren, gaven hen vier stellingen en lieten hen vrank en vrij antwoorden. Bewust hebben we gezocht naar jongeren tussen 19 en 30 jaar. Hebben deze millennials, de zogenaamde generatie Y, eenzelfde brandbrief of niet? Alvast negen onder hen gaven een antwoord op de eerste stelling.

Stelling 1: Is er daadwerkelijk sprake van een strijd tussen generaties? Zelf hebben wij die indruk namelijk niet. Een verschil in visie is van alle leeftijden. Volgens ons is het dat. Vroeger stoppen met werken bijvoorbeeld is volgens ons geen verkwisting van geld en, ook nu nog, best betaalbaar. Het is zelfs vooruitgang te noemen om mensen langer te kunnen laten genieten van het leven. Alles begint dan ook bij een rechtvaardigere verdeling van de rijkdommen. Het is een gedachte die alvast bij de vier Humo-jongeren schijnt te ontbreken. Hoe zien jullie die strijd tussen generaties? Heeft de huidige, oudere generatie zoveel verkwist?

Lisa De Roeck: 19 jaar, studente politieke wetenschappen, Universiteit Gent

“Ik denk niet dat we kunnen zeggen dat de huidige, oudere generatie alles verkwist heeft. Het is waar dat we allemaal moeten besparen, maar het is maar al te makkelijk om de schuld volledig in de schoenen van de oudere generatie te schuiven.”

“Het probleem ligt vooral bij het wanbeleid van de vorige regeringen. Het moet kunnen dat mensen vroegtijdig stoppen met werken. Mensen die al 40 jaar lang zware arbeid verrichten, kunnen we niet verplichten dat nog zoveel jaren langer te doen.”

“Anderzijds moeten diegenen die langer aan het werk willen blijven, ook de mogelijkheid daartoe krijgen. Het is vreemd om te horen dat sommige werknemers tegen hun zin moeten stoppen en andere werknemers gedwongen met pensioen moeten gaan.”

Anoniem: 21 jaar, studeert maatschappelijk werk aan het VSPW

“Ik vind dat er een strijd heerst tussen de generaties. Vroeger hebben de mensen ook erg hard moeten werken, maar hebben ook veel geld verspeeld. Dat is mijn persoonlijke mening. Nu moeten de jongeren werken om de vergrijzing in stand te houden.”

“De stelling van de vakbonden: alles begint dan ook bij een rechtvaardige verdeling van de rijkdommen, daar ben ik het absoluut mee eens. Maar of dat realistisch is? Dat weet ik niet. Er zullen altijd en overal ter wereld verschillen in rijkdommen zijn. Jammer genoeg … Wij moeten gaan werken om later een klein pensioentje te ontvangen en dat maakt mij bezorgd, ook voor onze kinderen.”

Grimm Van Geste: 21 jaar en werkzaam als servicedesk operator bij HP in Mechelen

“Ik zie een conflict, maar dat heeft niet zozeer met generatie of leeftijd te maken. Veeleer merk ik dat er een kloof ontstaat tussen progressieven en conservatieven. Ongeacht de leeftijd.”

“Veel mensen beseffen dat er meerdere dreigingen boven ons hoofd hangen en dat het mooie consumentenleven een versleten idee is.”

“Kapitalisme zoekt een wereld die oneindige grondstoffen voorziet en daarin leven wij nu eenmaal niet. Een groot deel van de bevolking hecht zich erg vast aan de wereld zoals die nu is, met dromen van een grote tv en een binnenzwembad. Elke dag groeit de groep die zich daarvan begint te distantiëren. Een groep mensen van alle leeftijden en afkomsten die door deze gemeenschappelijke ontwikkeling in ‘bewustzijn’ elkaar opnieuw leert waarderen voor wie ze zijn en waarin ze geloven.”

“Samen staan we sterk is een slogan die meer en meer bovenkomt. Als je naar een betoging gaat, bijvoorbeeld van Occupy-meetings in België, dan zie je een erg uitgesproken mix van leeftijden: van 16-jarige tieners tot 60-plussers.”

“Er lijkt voor mij veeleer een scheiding te zijn tussen mensen die vasthouden aan  het huidige systeem en mensen die trachten te evolueren naar een andere manier van samenleven.”

“Ouderen zijn ook eerder geneigd vast te houden aan het wereldbeeld dat ze altijd al hebben gehad, waardoor er een conflict kan ontstaan tussen jong en oud die elkaars levenshouding niet kunnen bereiken. Talloze voorbeelden zoals van jongeren die hun ouders ‘teleurstellen’ omdat ze liever een wereldreis maken ter persoonlijke evolutie, dan een studie te volgen om een goedverdienende baan te hebben voor de volgende 50 jaar die ze eigenlijk geen bal interesseert. In zulke gevallen is er vaak onbegrip tussen de partijen.”

“Nog een voorbeeld: als een 50-plusser, die een heel leven ervan overtuigd is dat ‘succes’ een mooie auto en een grote villa betekent, zal het moeilijk kunnen begrijpen dat sommige jongeren dit helemaal niet als ‘succes’ zien. Zo zal ik mij pas persoonlijk succesvol voelen als ik ergens mijn eigen stuk land heb en rustig een teruggetrokken en zelfvoorzienend leven kan leiden, ver weg van een job waar ik 13 promoties voor nodig heb. Ik zie dus veeleer een conflict tussen visies en welvaartsklassen.”

Mathias Vander Hoogerstraete: 22 jaar, student in Gent

“De manier waarop zowel politici als de media proberen om de Belgische bevolking tegen elkaar uit te spelen, is degoutant. In plaats van hierin mee te stappen, moeten jongeren duidelijk maken dat ze er anders over denken.”

“Denk maar aan de jongeren van de Occupy-beweging die zichzelf de 99 procent noemen en duidelijk maken over welke clash het effectief gaat: dat van de hele werkende bevolking tegenover de 1 procent, het patronaat, de banken en hun politieke lakeien.”

“In Frankrijk kwamen duizenden scholieren op straat tegen de verhoging van de pensioenleeftijd voor hun ouders, leerkrachten, buren, etc. Niet alleen uit solidariteit, maar ook uit bezorgdheid: hoe zullen wij nog werk vinden in de nabije toekomst wanneer ouderen gevraagd wordt om nog langer te werken?”

“Een rechtvaardige verdeling is inderdaad de kern van de zaak, indien men het geld zou halen waar het zit, zou er genoeg rijkdom zijn voor een pensioen en een deftige job voor iedereen.”

Jonas Van Vossole: 24 jaar, onderzoeker aan de universiteit van Coimbra

“Neen, er is geen generatiestrijd. Zoals het er nu uitziet, zullen de generaties voor ons het wellicht beter hebben gehad dan wij. Wij zullen langer moeten werken voor een relatief lager loon, minder openbare diensten en slechtere, flexibelere arbeidsomstandigheden, met meer stress, etc. Dat is echter niet de schuld van de potverterende babyboomgeneratie, maar het gevolg van recente politiek-economische ontwikkelingen en keuzes die gemaakt worden.”

“Er is immers geen enkele reden om het slechter te gaan hebben. Het aantal gepensioneerden zal dan wel toenemen, de verwachte stijging van de productiviteit compenseert deze meer dan genoeg. Dat wil zeggen dat er geen noodzakelijke daling is van de rijkdom per persoon, integendeel. Er is dus ook geen enkele reden waarom we het minder goed zouden hebben dan de vorige generaties, ondanks de retoriek van de regering, de media en de bedrijfsleiders. Wanneer we het minder goed hebben, is het door de massale transfer van rijkdom; niet tussen generaties, maar tussen ‘arm’ en rijk.”

“Als de slechtere omstandigheden immers niet het gevolg zijn van de daling van de algemene welvaart ten opzichte van vorige generaties, dan zijn ze het gevolg van de verdeling van de welvaart binnen de huidige groepen in de samenleving. Vergeet generatieconflict, welkom klassenconflict.”

“Overal in Europa worden onze sociale verworvenheden aangevallen. Die verworvenheden hebben wij net te danken aan de strijd van de babyboomgeneraties. Het zou dus nogal cynisch zijn die generaties te verwijten dat wij ze niet meer hebben. Als we ze niet meer hebben, is het omdat wij blijkbaar niet in staat zijn die verworvenheden te verdedigen.”

“Wanneer ze ons worden afgepakt, is het omdat we ze ons laten afpakken, omdat onze generatie voorlopig te naïef, te individualistisch en te goedgelovig is. Onze generatie is voorlopig nog niet bereid om, zoals in de winter van 1960-61, een staking van vijf weken te starten om onze rechten te beschermen.”

“Als die Humo-jongeren dus al iemand verwijten, moeten we vooral naar onze eigen generatie kijken die over zich heen laat lopen. Als vandaag vooral jongeren getroffen worden door de crisis, is dat niet meer dan logisch. Die generatie organiseert zich immers veel minder dan de andere en weigert tot nu toe haar tanden te laten zien. Wij zijn dus ook het gemakkelijkst te pakken.”

“Dat wil niet zeggen dat ik zomaar de schuld bij onze generatie wil leggen. Het is wel een oproep om samen in strijd te gaan met de vorige generaties in de verdediging van onze sociale, economische en ecologische rechten!”

Ferdi De Ville: 26 jaar, actief binnen de jonge denktank Poliargus

“Het is inderdaad opvallend hoeveel jongeren (mijn generatiegenoten) in de huidige discussies over hervormingen aan ons sociaal systeem een generatieconflict zien. Dat generatieconflict is heel slim in de markt gezet door zij die belang hebben bij het ‘hervormen’, zeg maar afbouwen, van de welvaartsstaat.”

“Vanuit dat perspectief denken veel jongeren dat er zonder zulke hervormingen voor ons later geen pensioen meer zal zijn, wij een torenhoge staatsschuld zullen moeten aflossen, etc. Dus dat jongeren belang hebben bij hervormingen, maar dat die tegengehouden worden door de oudere generaties, die zichzelf in betere tijden allerlei voorrechten hebben toegekend die nu niet meer vol te houden zijn, maar ze niet willen afstaan.”

“Terwijl inderdaad een veel rechtvaardiger belastingsysteem in België waarbij grote bedrijven niet zouden ontsnappen aan hun normale bijdragen ook een oplossing zou zijn om ons systeem te laten blijven draaien.”

“Jongeren lijken zich soms om ter flinkst te willen tonen in het veroordelen van de vakbonden. ‘Wij zijn bereid langer te werken, flexibel te zijn, de oudere generatie moet dat ook maar doen’. Ik denk dat dit een uiting is van het feit dat wij, geboren in de late jaren tachtig of vroege jaren negentig, de eerste ‘neoliberale generatie’ zijn.”

“Individualisme, zelfontplooiing zijn de belangrijkste ‘waarden’ voor deze generatie, solidariteit en collectieve actie staan lager op de hiërarchie. Ik denk dat dit vroeger toch anders was. Job-hoppen zien vele jongeren als een uitdaging, niet als een aantasting van werkzekerheid en stabiliteit.”

“Vele jongeren vertonen vandaag symptomen van het Stockholmsyndroom door de neoliberale agenda te omarmen. Maar vele jongeren geloven en verkondigen zulke standpunten natuurlijk vaak met nog maar weinig arbeidsjaren op de teller. Ik denk dat we op den duur toch gaan beseffen dat onze prestatiemaatschappij, waarbij koppels hun agenda’s naast elkaar moeten leggen om een moment van ‘quality time’ af te spreken, ons veel stress en weinig welbehagen bezorgt.”

“Wat ook merkbaar is, is dat veel jongeren die pleiten voor langer en flexibeler werken vaak kinderen zijn van hoogopgeleide ouders. Ik heb nog geen interview gehoord of gelezen waarin een kind van een bouwvakker opmerkt dat hij vindt dat zijn vader na veertig jaar werken toch op zijn zesenvijftigste op pensioen moet kunnen gaan.”

“Maar er moet natuurlijk rekening gehouden worden met de negatieve perceptie van vakbonden bij jongeren. Ik denk dat vakbonden beter zouden kunnen communiceren om de steun van jongeren te werven. Nu bevestigen zij soms te veel het vooroordeel dat zij louter een conservatieve agenda hebben, enkel aan het behoud van hun eigen verworvenheden denken.”

“Vakbonden zouden in mijn ogen een meer offensief, hervormingsgericht discours moeten hanteren: pleiten voor een rechtvaardiger belastingsysteem, een progressieve aanpak van de eurocrisis door middel van groene investeringen en maatregelen om fiscale en sociale dumping in de EU tegen te gaan (een Europees minimumloon, harmonisering van de vennootschapsbelasting, etc.). Daar zullen jongeren sneller geneigd zijn zich achter te scharen.”

“Hoe een probleem gedefinieerd wordt, bepaalt de aanpak. Nu heerst de perceptie dat het behoud of hervorming van onze welvaartsstaat een conflict is tussen de oudere generatie die de jongere wil laten betalen voor hun vroeg pensioen. Het is zaak het conflict te herdefiniëren als één waarbij een kleine groep fortuinlijken zich, bijna overal, bijna helemaal onttrekt aan bijdragen aan onze maatschappij.”

“Dat is een strijd die niets te maken heeft met leeftijd, die indignados schouder aan schouder met de vakbonden kunnen voeren. Het is aan ons om onze leeftijdsgenoten daarvan te overtuigen, maar ook aan de vakbonden om dit beter te communiceren.”

Maité Morren: 27 jaar, voorzitster Animo

“De generatiestrijd is volgens ons een valse tegenstelling. Met Animo-jong links zijn we er voor jongeren, maar zonder kwetsbare groepen uit het oog te verliezen. De toekomst is voor iedereen. Daarom vinden we het jammer dat jong en oud tegen elkaar worden opgezet. Wat heeft de arme gepensioneerde te maken met de jonge werkloze? Ze vallen beiden uit de boot. De hele heisa rond de generatiestrijd leidt de aandacht af van het echte slagveld van de 21ste eeuw: ‘Hoe stellen we ons sociaal model veilig?’ Meer nog: ‘Hoe verbeteren we het?'”

“Ter illustratie: uit cijfers van Eurostat blijkt dat 19 miljoen mensen in de EU werken en toch arm zijn. Dat zoveel mensen met een job amper rondkomen, wil heel wat zeggen. Het toont onder andere aan dat de arbeidsvoorwaarden (onder andere de lonen) slechter worden en dat het  bestaande sociaal vangnet er eveneens op achteruit gaat.”

“Deze Europese tendens, en zeker het befaamde ‘Duitse model’ van sociale afbraak, slechte baantjes die mensen moeten aaneenrijgen om toch nog rond te komen, is een voorbeeld om zeker niet na te volgen. Werk moet leefbaar zijn. In het begin van de 19de eeuw had de Britse sociaal hervormer Robert Owen het over ‘eight hours labour, eight hours recreation, eight hours rest’ als een recht. Waar onbetaalde overuren de norm zijn, wanneer mensen kleine baantjes moeten combineren om de rekeningen te kunnen betalen, is dit citaat nog altijd een streven.”

“We staan als jongeren zeker voor uitdagingen. Neem nu de jeugdwerkloosheid. Eigenlijk is het iets compleet absurds. Een complete verspilling van talent, energie, enthousiasme. En voor elke werkloze jongere is er ook het verhaal van de tallozen die onder hun niveau werken, tegen een karig loon, met onmogelijke uren. Zij komen niet voor in de statistieken van de jeugdwerkloosheid, maar hun verhaal schuilt wel degelijk achter de cijfertjes. Kortom, heel wat gemiste kansen. Wij zijn jong en klaar voor de toekomst. Maar is de toekomst wel klaar voor ons?”

Thomas Decreus: 27 jaar, doctorandus KU Leuven en medeorganisator Shame-betoging

“Ik denk dat het al te makkelijk is om dit conflict tot een generatieconflict te verengen. Het is dezelfde soort van verenging die men aantreft ten aanzien van de Europese schuldencrisis. Deze wordt al te vaak verengd tot een mentaliteitsverschil tussen bijvoorbeeld hardwerkende Duitsers en luie Grieken. Of dichter bij huis, tussen vlijtige Vlamingen en profiterende Walen.”

“Vooreerst geven dat soort verengingen – waartoe het generatieconflict dus ook behoort – een verkeerd beeld van de werkelijkheid. Het is niet zo dat de vorige generaties ver boven hun stand geleefd hebben en dat wij daarvoor de rekening moeten betalen. Dat is een karikatuur.”

“We hebben in de eerste plaats te maken met een schuldencrisis die ontstaan is in de nasleep van een financiële crisis. Deze schuldencrisis heeft ertoe geleid dat Europa een beleid van budgettaire strengheid oplegt en dus vraagt aan de lidstaten om streng te besparen. Het gaat hier dus om een politiek-economisch gegeven en niet over de schuld van een hele generatie. Dit neemt echter niet weg dat er toch één en ander zal moeten worden ingeleverd.”

“De vraag is echter hoe we dat zullen doen. Persoonlijk vind ik dat dit op een eerlijke manier dient te gebeuren. Daaronder versta ik dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dienen te dragen. Belast dus de grote vermogens en spaar de middenklasse. Verschillende generaties zouden zich beter verenigen achter deze eis in plaats van elkaar de schuld te geven en hierdoor de ware schuldigen en sociale oplossingen uit het oog te verliezen.”

Koen Bogaert: 30 jaar, doctor-assistent, MENARG, Universiteit Gent

“Het beeld van een strijd tussen generaties is populair. Het lijkt een verklaring te bieden voor vele vormen van strijd vandaag de dag. Kijk maar naar de dominantie perceptie over de Arabische revoluties. Daar zijn het ook zogezegd ‘de jongeren’ die op straat kwamen voor een betere toekomst, democratie en vrijheid. Maar men mag niet vergeten dat het beeld over de rebellerende jeugd ook vooral een beeld is dat gecreëerd is door de media.”

“Uiteraard kwamen er veel jongeren op straat in 2011, niet alleen in de Arabische wereld, maar ook in Spanje met de indignados, in de VS met de Occupy-beweging en ook bijvoorbeeld in Engeland en Chili met verschillende protesten tegen de toenemende privatisering van het onderwijs.”

“Maar de dominante focus op ‘jongeren’ geeft ons misschien een verkeerde indruk van wat er vandaag aan de hand is en negeert alle andere sociale groepen en klassen die het laatste jaar ook op straat kwamen om te strijden voor een betere toekomst. De perceptie, alsof het zou gaan om een strijd tussen generaties, verhult dus een groot aantal politieke en sociale breuklijnen die vandaag de dag pertinent zijn. De groeiende sociale ongelijkheid is misschien daarvan wel de belangrijkste.”‘

“Deze ongelijkheid heeft weinig te maken met een kloof tussen generaties, maar alles te maken met groeiende klassentegenstellingen. En dat was ook het geval in de Arabische wereld. Als we de recente geschiedenis in overweging nemen, moeten we besluiten dat deze revoltes niet enkel en alleen een vorm van verzet waren tegen lokale autocraten en corrupte regimes, maar ook een duidelijk verzet waren tegen een bepaald economisch systeem.”

“Bijna 30 jaar van economische liberalisering, privatisering en neoliberale hervormingen hebben de overgrote meerderheid van de Arabische middenklasse en de arbeidersklasse systematisch verarmd en gemarginaliseerd. Sinds een tiental jaar zien we dan ook dat er lokaal verschillende haarden van verzet ontstonden in landen zoals Tunesië, Marokko, Egypte, enz., met zeer duidelijke socio-economische eisen. Het zijn die lokale haarden van verzet die de voedingsbodem waren voor de huidige revoltes, waarin niet alleen jongeren, maar ook arbeiders, vrouwen, werklozen, … een zeer belangrijke rol hebben gespeeld.”

“Ook als we kijken naar het huidige pensioendebat dan zien we dezelfde politieke en sociale breuklijnen. Het gegeven van een waardig pensioen is een politieke verworvenheid van het model van de Europese welvaartsstaat waar een hevige sociale strijd – vooral vanuit de vakbonden – aan vooraf is gegaan. Het huidige pensioenstelsel is vandaag niet meer betaalbaar binnen het politieke project van het neoliberale maatschappijmodel waarin economische groei en winst de bovenhand krijgen op algemene welvaart en sociale herverdeling.”

“De vraag is welke politieke keuzes we willen maken in de toekomst? Voor welke keuzes willen we strijden? Geven we de voorkeur aan een maatschappijmodel dat de economische belangen van een kleine minderheid vooropstelt ten koste van de welvaart van de overgrote meerderheid?”

“Of verkiezen we een maatschappij waarin bepaalde rechten zoals onderwijs, gezondheidszorg, pensioen en waardig werk prioritair zijn? Dit is geen kwestie van een generatiekloof, maar veeleer een politieke kwestie die alle generaties betreft.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!